is toegevoegd aan uw favorieten.

De flora van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1. Kroonbladen hooggeel, langer dan de kelkbladen.

a. Hauwtjes elliptisch of bolrond, 2-3 maal zoo lang als de stijlen, 2-4 maal zoo kort als de vruchtstelen. Stengel aan den voet kruipend, wortelend. Bladen langwerpig of lancetvormig, vaak ook vinspletig . . . N. amphlhium blz. 253.

b. Hauwen lijnvormig, omstreeks even lang als de vruchtstelen. Bladen in omtrek langwerpig- of rondachtig-eirond, vinspletig tot gevind. Bladslippen of blaadjes der bovenste bladen lijnvormig, getand tot vinspletig . . N. silvestre blz. 254-

2. Kroonbladen bleekgeel, even lang als of iets korter dan de kelkbladen. Bladen vinspletig. Hauwen langwerpig, omstreeks even lang als de vruchtstelen.

X. palustre blz. 255.

N. officinale') R. Br. Wi11e waterkers. (Fig. 288).

De wortelstok ligt horizontaal in het slib van den bodem. Uit de knoopen

van dezen komen rechtopstaande, iets kantige, sappige, onbehaarde, losbebladerde stengels, die soms aan den voet ook weer wortelen.

De bladen zijn oneven gevind, meest met 3 a 6 paar zijblaadjes, die soms ontbreken, en een grooter topblaadje.

De bloemen s.taan in eindelingsche trossen, zijn klein en wit. De kelkbladen zijn groen, iets afstaand. De kroonbladen zijn langer dan de kelkbladen. De helmknopjes zijn geel.

De hauwen zijn afstaand, cylindervormig, vaak wat sikkelvormig gekromd, !ijn-langwerpig (fig. 288). De zaden zijn ovaal, bruin met 2 rijen van puntjes. 1 -9 dM. 2J-. Mei—Sentemher

De plant smaakt aangenaam bitter en is door de donkergroene kleur voor den bloeitijd gemakkelijk van de veel er op gelijkende Cardamine amara te onderscheiden.

Vormen er van zijn:

a. genuinum -) Gr. et Godr. Stengel wortelend. Zijblaadjes 3 a 4 paar, ovaal, uitgerand. Topblaadje grooter, vaak hartvormig.

,5. asarifólium ') Kralik. Bladen alleen uit een rond-hartvormig topblaadje bestaand. Stengel kort.

y. intermedium4) Gren. Stengel 3—4 dM. Blaadjes lang, ovaal.

<?. Siifóliumr') Steud. Stengels lang. Bladen 4—6-parig. Blaadjes groot, lancetvormig, gelijk.

e. parvifólium') Peterm. Stengel laag, opgericht. Zijblaadjes rond. Topblaadje groot, hartvormig.

Biologische bijzonderheden. Soms vindt men op de onderste bladen dezer plant knoppen, die tot nieuwe planten uitgroeien.

De honigkliertjes zitten in de bloem aan den voet der korte meeldraden. De stempel ligt hooger dan de helmknoppen der langere meeldraden, die in de open bloem naar de kortere zijn» toegebogen, zoodat een kop of slurf, die den honig wil bereiken, eerst den stempel en even daarna de met stuifmeel bedekte zijde van 3 dicht bijeenliggende helmknoppen moet passeeren. Bij aanhoudend regenweer blijven de bloemen gesloten en heeft er door het stuifmeel der langere meeldraden spontane zelfbestuiving plaats.

') officinale = geneeskrachtig. ■) genuinum = echt. *) asarifólium = Asarumbladig. «) intermedium = middelste. 4) Siifólium = Siumbladig. c) parvifólium = kleinbladig.

Nasturtium officinale

Fig. 288.