Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— VIOLACEAE. —

FAMILIE 41.

Reseda lutea

Fig. 384.

met korte slippen, die een weinig verbreed zijn. Meeldraden zijn er 10-24.

nei vrucntDeginsei is uit 3 vruchtbladen samengesteld. De vruchttrossen zijn verlengd en los, de vruchtstelen even lang als of langer dan de kelk. De doosvrucht staat rechtop, is driehoekig, iets opgeblazen en springt met 3 korte tanden ópen. De zaden zijn zwart en glanzend. 2-6 dM. O© of Juni—September.

Bij de var. crispa J. Müll. zijn de bladslippen smal, gekroesd en de bloemtrossen smal.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant komt op braakland, op steenachtige plaatsen en aan ruigten in Midden- en Zuid-Europa voor en is bij ons op dergelijke plaatsen vrij algemeen.

ue var. crispa is dij Amsterdam gevonden. R- Lutéola') L. Wouw (fig. 385).

Uit den penwortel komt een roset van breed lijnvormige, aan den rand iets gegolfde wortelbladen en een stengel, die rechtopstaand, krachtig

1 _ r , . . ... ö '

Kctiuifc, unvcr'dKi 01 met reentopstaande takken is. De bladen zijn lijn-lancetvormig, stomp, bijna stekelpuntig, gaafrandig met soms gegolfden rand en aan den voet aan iedere zijde met een klein spits tandje. Zij zijn onbehaard met een witte middennerf, de onderste zijn gesteeld, de bovenste zittend.

De bloemen staan in langgerekte trossen en zijn groengeel, kortgesteeld (de stelen zijn korter dan de kelken). De kelk is 4-slippig, de slippen zijn ongelijk eirond-langwerpig, stomp opgericht. Kroonbladen zijn er 4, het bovenste is het grootste en 5-7-spIetig, de zijdelingsche zijn 3-spletig, het onderste meest 2-spletig. Meeldraden 20-30. Het vruchtbeginsel is uit 3. zelden 4. nop /elHyampr

uit 2 vruchtbladen opgebouwd. De doosvrucht is rechtopstaand, klein, bolvormig-omgekeerd eirond en springt met 3 toegespitste tanden open (fig. 385). De zaden zijn zwart, glanzend. 5-10dM. OO. Juni—September.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De wouw komt op akkers, muren, rotsen en aan wegen in Midden- en Zuid-Europa voor. Bij ons wordt zij vrij algemeen op dergelijke plaatsen gevonden en is waarschijnlijk op vele plaatsen verwilderd als overblijfsel van vroegere cultuur. Zij werd vroeger nl. gekweekt om de gele verfstof, die men er uit bereidde.

Reseda Luteola

Fig. 385.

Familie 41. Violaceae D. C. Vioolachtige n.

Bladen verspreid, gesteeld, in jeugdigen toestand opgerold, met steunbladen. Bloemen 2-slachtig, symmetrisch, okselstandig. Kelk 5-bladig,

') Luteola r= geelachtig (eigenlijk verkleinwoord van lutea).

I

Sluiten