Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bupleurum teDu'98^mum

Fig. 524.

staan sterk uitgespreid. De bladen zijn kort, lijnvormig, spits, 3-nervig, de onderste lijn-lancetvormig.

Dl eindelingsche schermen zijn 3-straiig, de zijdelingsehe onvolkomen.

nei omwinusei oestaat uit 1-4 ongelijke blaadjes. De omwindseltjes zijn 3-5-bladig, zij steken ver uit buiten de schermpjes, de blaadjes zijn lijnlancetvormig. Vrucht groot, bijna bolrond, bijna 2-knoppig, korrelig ruw door goudgele korreltjes op de zwartpurperkleurige vrucht, met korrelige, uitstekende ribben en groeven zonder striemen (fig. 524). 1-3 dM. O. Juli—September.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant komt in geheel Europa op dorre, zandige plaatsen voor, het meest naar de zeezijde. Op dergelijke plaatsen is zij ook bij ons, doch vrij zeldzaam, gevonden, ook op zeeklei.

B. Odontites ')L- Draaddoorwas (fig. 525).

Deze plant is onbehaard en heeft een rechtopstaanden, vertakten stengel, waaraan lijnvormige, toegespitste, halfstengelomvattende, 3-5-nervige bladen zitten De schermen bestaan uit 2-5 oneeliike stralen n*

— — — — - ^ iijivc analen, ueumwina*

seis zijn 3-5-bladig. de blaadjes zijn elliptisch of eirondlancetvormig, toegespitst. De omwindseltjes bestaan uit elliptische of eirond-lancetvormige, groene, genaaide, smal witgerande, 3-5-nervige blaadjes (fig. 525), die veel langer zijn dan de schermpjes. De vruchten zijn klein , eirond, zwart met fijne ribben, zij zijn bijna glad (fig. 525). 5-30 cM. O. Juni—Augustus.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant komt op bouwland in Zuid-Europa voor. Zij is bij ons enkele malen nl. bij Amsterdam (1860), bij Apeldoorn (1877) als aangevoerd waargenomen.

B. rotundifólium-) L. Rond doorwas (fig. 526). Deze blauwgroene plant heeft een penwortel en een rechtopstaanden, naar boven vertakten stengel

De bladen zijn eirond, de bovenste rondachtig, de onderste zijn zittend, de overige doorgroeid.

De schermen zijn 5-8-stralig. Het omwindsel ontbreekt, de omwindseltjes bestaan uit 3-5 rondachtig-eironde, toegespitste bladen, die ver buiten het schermpje uitsteken en na den bloeitijd opgericht zijn. De vrucht is eirond, zwartbruin, 3 mM lang, glad, met uitstekende, draadvormige ribben (fig. 526). De groeven hebben geen striemen. De vruchtdrager is niet gedeeld. 15-45 cM. O. Juni—Augustus.

De plant herinnert aan een Euphorbia, maar is er, behalve door de familiekenmerken, dadelijk van te onderscheiden door het ontbreken van melksap.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant komt in Midden- en

Bupleurum Odontites Fig. 525.

Bupleurum rotundiTolipm

Fig. 526.

') Odontites = tandkruid.

-) rotundifolium = rondbladig.

Sluiten