Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

P. Kiel met de meeldraden en den stijl spiraalvormig opgerold. Blaadjes met steunbladen, groot. Bloemkroon niet geel.

Phaseolus blz. 685.

Bladen 5-meertallig. Kiel gesnaveld. Stempel knopvormig. Peul met zwamachtige

dwarswanden Lupinus blz. 607.

C. Bladen gevind.

a. Bladen even gevind (zonder topblaadje).

aa. Buis der meeldraden scheef naar beneden afgesneden, zoodat het vrije deel der bovenste meeldraden veel langer is dan dat der onderste.

aaa. Kelk 5-tandig of 5-spletig. Stijl draadvormig, naar boven rondom gelijkmatig of aan de kielzijde sterk behaard. Peul 2- tot meerzadfg.

Vicia blz. 659.

bbb. Kelk 5-deelig. Stijl vlak, aan de vlagzijde behaard, aan de kielzijde

kaal. Peul 1- tot 2-zadig Leus blz. 675.

bb. Buis der meeldraden recht afgesneden, zoodat het vrije deel van alle meeldraden even lang is.

aaa. Stijl vlak, aan de binnenzijde met een rij haren, aan de buitenzijde

kaal. Bladen met of zonder rank Lathyrus blz. 676.

bbb. Stijl in de lengte gootvormig samengebogen, naar boven aan de binnenzijde gebaard. Bladen met gedeelde rank. Steunbladen zeer groot.

Pisum blz. 675.

b. Bladen oneven gevind (met topblaadje).

aa. Boomen of heesters.

aaa. Bloemkroon geel of roodachtig geel. Bloemen in trossen. Peul opgeblazen, vliezig, gesteeld Colutea blz. 651.

bbb. Bloemkroon wit of rose. Bloemen in trossen. Kiel kortgesnaveld. Peul

vlak, lederachtig ltobiuia blz. 651.

bb. Kruidachtige planten.

aaa. Bloemen alleenstaand, vrij klein. Vrucht opgeblazen. . Cieer blz. 659. bbb. Bloemen in 3- tot meerbloemige schermen of hoofdjes.

o. Kiel gesnaveld. Peul rolrond of bijna vierkant, in de geledingen ingesnoerd. Bloemkroon geel of wit, niet geheel rose.

Coronllla blz. 654.

P- Kiel stomp of iets spits.

««. Bloemkroon roodachtig wit of rose, klein. Kelk buisvormig. Peul geleed, veelzadig, meest sikkelvormig.

Oruithopus blz. 656.

PP. Bloemkroon geel, vaak rood aangeloopen. Kelk buikig, viltig. over de vrucht gesloten. Peul eirond of langwerpig, 1- of

2-zadig Antliyllis blz. 610.

ccc. Bloemen in trossen of aren.

«. Kiel met de meeldraden en den stijl schroefvormig gedraaid. Kelk 2-lippig. Peul bijna met dwarsschotten. Bladen 3-tallig, gevind, groot.

I'haseolus blz. 685.

P- Kiel niet schroefvormig gedraaid.

aa. Kiel spits.

aaa. Bovenste meeldraad tot aan het midden met de andere vergroeid. Bloemkroon lila. Peul lijnvormig, rond, veelzadig Galega blz. 650.

PPP- Bovenste meeldraad geheel vrij. Kiel 2-bladig. Bloemkroon lila. Peul eirond of langwerpig, samengedrukt,

1-hokkig, 1-zadig GJycyrrlilza blz. 650.

PP- Kiel stomp.

aan. Peul door een naar binnen gebogen naad volledig of onvolledig 2-hokkig, veelzadig. liloemkroon niet rose of

purper Astrugalus blz. 653.

PPP. Peul 1-hokkig, beenig, niet openspringend, vaak stekelig getand, 1-zadig. Bloemkroon rose.

Onobrychis blz. 658.

Sluiten