Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tabel tot het determineeren der soorten van het geslacht Trigonella.

A. Bloemen roodachtig-wit of witachtig.

a. Bloemen 1-3 bijeen op bladokselstandige stelen, roodachtig-wit Peulen lijnvormig

°T^lr,hnr,rn,' hl ' fi7n' i «rnlthopclloldes blz. 620.

T orthoceras blz. 620, heelt netvormig geaderde peulen en een rechtopstaanden

• l^i' C.rWllr ZC 'aatslc bi' T- ornl'thopodioides liggend of opstijgend is. Ook is de laatste plant onbehaard, terwijl de andere aangedrnkt behaard is

b. Bloemen zittend of bijna zittend in de bladoksels, alleenstaand of in paren Peulen

R R,„^n;„ H^rmig'panfRe?aVeld' me' overlanRsc'ie nerven . T. gJ,ata blz 620.

B. Bloemen lichtblauw. Peulen langwerpig-eirond, overlangs geaderd.

T. coernlea blz. 621.

T. ornithopodloides ') D. C. VogeIpoothoornkIaver (fig. 749>.

Bij deze plant ziin de steneels liniTpnH nf .. , _ . ...

a iif.gcuu oi opstijgend, evenals de geheele plant onbehaard. De bladen zijn langgesteeld, drietallig, glanzend, de blaadjes zijn omgekeerd hartvormig, gezaagd. De steunbladen zijn lancet-priemvormig, gaafrandig, vliezig.

De bloemen zijn roodachtig-wit, klein en staan 1-5 bijeen in de oksels van bladen met stelen, die ':orter zijn dan die bladen. De kelktanden zijn bijna gelijk, langer dan de kelkbuis. Van de bloemkroon is de vlag langer dan de zwaaiden en deze zijn korter dan de spitse kiel. De bloemkroon is bijna blijvend. De peulen staan opgericht, zijn 6-15 mM lang en 2 mM breed. Zij zijn lijnvormig-langwerpig, een weinig gebogen naar den afgeronden top, ongeaderd, iets behaard , weinig langer dan de kelk en 8-10-zadig. De zaden zijn klein, eirond, glad, zwartachtig. O. 5-20 cM. Mei—luli

Trigonella ornithopodioides J

Fig. 749. . ^ °orkomcn in Europa en in Nederland. Dc plant komt

c ,n grasland, vooral op zilten grond voor in West-cn Zuid-

Europa en ,s bij ons alleen bij Oostkapelle, bij Bergen (N. H.) en op Vlieland gevonden.

T. orthoceras-) Karil. et Kirll. Rechte hoornklaver

Deze soort heeft een rechtopgaanden, aangedrukt behaarden stengel. De bladen ziin

- •• •* '«»

Dc bloemen staan in trossen van 2-4, deze zijn ongesteeld en de bloemstelen zijn zeer kort. De bloemen hebben elsvormige kelktanden , die iels langer dan de buis ziin en een bloemkroon, d e ets ïrrnntnr rlnn ,\* .. s . l,,b z,jn cn ecn

ae Keik is. Dc penlen zijn aangedrukt zacht behaard , lijnvormig, iets samengedrukt, recht, netvormig geaderd, met mazen, die langgerekt zijn. 0.

Voorkomen. De plant is afkomstig uit Transkaukasie -n is bij ons een enkele maal ingevoerd, nl. te Groenïoven bij Leiden.

T. gladiata -1)Stev. Zwaard hoorn klaver (fig. 750/.

Deze plant heeft ecn liggenden of opstijgenden, beiaarden stengel. De drietallige bladen hebben wigvornig-langwerpige, aan den top getande blaadjes en ;aafrandige steunblaadjes.

De bloemen zijn witachtig, vrij klein (8-10mM lang) n staan alleen of in paren, ongesteeld in de bladokseis. >e kelk is sterk behaard, heeft gelijke tanden , die korter an de buis zijn. Dc vlag is langer dan de zwaarden n dan de stompe kiel. De peul (fig. 750) is rechtoptaand, 2-4 cM lang, lijn-lancetvormig, gebogen, umengedrukt. hohnnr^ mot mmrUn.^ii» .1 '_

nerven en eindigt in een 1 a 2 cM langen snavel (fig. 750). De zaden, 4-10 in getal ziin eirond, zeer knobbelig en rossig. O. 5-25 cM. Mei, Juni. '

') ornithopodioides = vogelpootachtig -•) orthoceras = rechthoornig.

■') gladiata = van een zwaard voorzien.

Trigonella gladiata.

Fig. 753.

Sluiten