Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een andere, heldere, aangename toon wordt evenwel voortgebracht uitsluitend door geheel tot volkomenheid opgegroeide mannetjes. De kop wordt dan eenvoudig naar voren gehouden, terwijl de vogel de lucht tweemaal ingulpt, den snavel naar boven toe keert en den hals een weinig uitrekt. Evenals klokgeschal weerklinken dan de zoo beroemde „bell-note's" dorong ... do-rong, het laatste „rong" langgerekt en wegstervend als de metaalklank eener bel. Doorgaans blijft de lel met lucht gevuld van den eenen naar den anderen toon, en krimpt alleen in als de vogel met schallen ophoudt.

liet schallen van den C. behoeft maar ééns gehoord om later nimmer weder vergeten te worden. Zelfs op het brein van den stompzinnigen gouddelver, Boschneger of Indiaan heeft de sneeuwwitte kleur en het eigenaardig geluid van den Bell-bird indruk gemaakt en staat hij dan ook bekend als Gran-boesie Wittie Blauwdoivie, d. w. z. Witte Blauwduif uit het hooge woud. De Indianen noemen hem Darang, de Arowakken ook wel Sakia fielieberoe en de Caraïben fonolelie. Toch schijnt niemand iets af te weten aangaande zijn nest of eieren, hoewel men hem het geheele jaar door in de oerwouden aantreft. Inderdaad is de C. een der eerste zangers, die de opgaande zon begroeten, en ook een der laatsten om afscheid te nemen. Zelfs gedurende het heetste van den dag, als bijna alle andere vogels zwijgen, weerklinkt het „kon-kai" en „do-rong" nog luid door de wouden.

C. variegatus, Gm.

Zuiver wit; kop koffiebruin; vleugels zwart; keel onbevederd, maar bedekt met kleine caruncles; snavel en pooten zwart. $ Bov.d. groen; kop grijsachtig; ond.d. licht geelachtig met groene strepen aan borst en buik; keel grijsachtig met smalle strepen. L. 25, vl. 15.5, st. 6. Geogr. dist. De Guiana's, Venezuela en Trinidad. Lok. dist. Het binnenland.

„In tegenstelling met de voorgaande soort bezit de Bruinkop Campenero, eng. Brown-headed Bell-bird, fr. Cotinga blanc a tète brune, gelijk de naam aanduidt, een bruinen kop, alsmede zwarte vleugels. De lel aan den voorkop ontbreekt, doch de

Sluiten