Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TIRANVOGELS.

30 X 21 m.M., en het kleinste, dat van Tyranniscus gracilipcs, ongeveer 16 X 12 m-M.

„De studie der verschillende T. is veel moeielijker dan die van eenige andere familie, maar toch hoogst interessant, vooral omdat de species dikwijls zulke doffe kleuren en ineenvloeiende eigenschappen vertoonen, dat ze bij eene oppervlakkige beschouwing niet van elkander te onderscheiden zijn. Ten einde deze moeielijkheden te overkomen hebben verschillende natuurkundigen gaandeweg de T. in zulk een groot aantal genera verdeeld, dat zelfs een expert, zooals Sclater, verklaart er niet wijs uit te kunnen worden. In den grooten Cat. of Birds in Br. Mus. vol. XIV, ontbreekt dan ook geheel, de synopsis of „key to the genera."

De T. gelijken over het algemeen zeer veel op de Cotingidce en Pipridtc, maar bezitten geheel vrije voorteenen. De tarsus is van voren even rond als van achter, doch aan het achtergedeelte doorgaans niet van schildjes voorzien als bij de Cotingidor. De snavel is soms even lang als de kop, doch doorgaans korter en ziet er over het algemeen bij de basis brecder dan hoog uit, terwijl zich een duidelijke hoek of kerf aan het uiteinde van den bovensnavel bevindt. Het endgedeelte van den snavel is echter minder zijdelings samengedrukt dan bij de Kotinga's; ook de mondhoeken staan niet zoo ver uit elkander. De meeste species hebben tevens veel meer ontwikkelde borstelharen bij den snavelwortel dan de Kotinga's en Manakins, hoewel die borstelharen ook bij enkele soorten bijna of geheel ontbreken. Hun vel is over het algemeen stevig, uitgezonderd bij enkele soorten, zooals Myiobius, Larbatus, Milvulus, Tyrannus enz.

„Bij de beschrijving der volgende T. is gelet op de kleur van snavels en pooten, maar het moet in aanmerking genomen worden, dat alleen bij levende vogels de juiste kleur zich voordoet. Bij geprepareerde huiden veranderen de kleuren opmerkelijk en zijn vooral bij de nietige species bijna niet te onderscheiden. Een vogeltje dus, beschreven als met zwartachtigen snavel en pooten, kan in levenden staat, die deelen bruin of zelfs loodkleurig hebben.

Sluiten