Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. Vleugel langer dan 9 c.M , snavel verlengd en opmerkelijk gehoekt. „Vederkleed zonder zwarte strepen aan de gele ond.d.

PITANGUS, SW.

„Vederkleed met zwarte strepen aan de onder.d.

MYIODYNASTES, BP.

Species.

MIONECTES, CAB.

M. oleagineus. Licht. = id., Cab, in Schomb. Reis.

Ad. Bov.d. olijfgroen ; vleugels en staartp. zwartachtig met olijfgroene randen ; ond.d. lichter van tint, abdomen geelachtig roodbruin; dekv. ond. d. vl. okergeel; snavel lilabruin, basis v. d. ondersnavel roodbruin; pooten bruin. L. 12.5, vl. 6.8, st. 5.3. Geogr. dist. Van af Guatemala tot het dalgebied der Amazone en Z. O. Brazilië. Lok. dist. Vooral de lagere streken.

„De Dunsnavel Tiran, eng. Thin-billed Tyrant, bezit een sterk zijdelings samengedrukten, dunnen snavel, alsmede korte, zwakke pooten met duidelijke schildjes van voren. De rug is olijfgroen van kleur, de buik daarentegen geelachtig roodbruin. Onze D. T. behooren tot de subspecies M. o. typica, gekenmerkt door een donkerder kleur dan AI. o. assimilis van Centr. Amerika.

„In de lagere intermangrove terreinen wordt de D. T. wel niet heel talrijk aangetroffen, maar behoort ook niet tot onze zeldzame soorten. Het wijfje zou 2 witte eieren in een komvormig nestje leggen.

LEPTOPOGON, CAB.

L. amaurocephalus, Cab.

Ad. Bovend. olijfgroen ; bovenkop chocoladebruin ; lora lichter van tint; vleugels en staartp. zwartachtig bruin met okergele tippen aan de vl. dekv. en min of

Sluiten