Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eieren weer in de nesten dezer vogels zullen leggen, laat zich begrijpen, omdat reeds van af den eersten levensgroei, de vorm en het uiterlijk der pleegouders in het brein der parasieten is ingestampt. Maar hoe een Cassicus cassidix bij het omzien naar een paar, altijd een van zijn gehalte uitkiest, laat zich onmogelijk verklaren. Of zouden de individuen, behoorende tot de groep der Cassicus cassidix, alleen elkander verstaan .

of herkennen en niet die der Os/inops cassidix ? Of zouden mannetjes en wijfjes, door hunne instinctmatige voorliefde voor de soort, die hen groot bracht, steeds de nestkoloniën dier soort opzoeken, en elkander daar ontmoetende, paren? Ten laatste blijft nog over de aannemelijke veronderstelling, dat alleen do wijfjes, door hunne eieren altijd te leegen in de nesten

der soort hunner pleegouders, gepaard aan de wet der overerving, waarbij de eigenschappen der moeder eene neiging toonen op de dochter over te gaan, van het verschil de oorzaak zijn. Maar gelijk te voren aangehaald, valt er ook in het vederkleed enz. der wijfjes geene afwijking hoegenaamd op te merken, hoewel misschien de zwarte kleur hiervan de oorzaak kan zijn. Best mogelijk dus, dat als de G. K. evenals de Diploptcrincr, een gestreept vederkleed droegen, het verschil tusschen de groepen individuen meer zou uitkomen, hoewel dit bij onze parasitische Koekoeken niet het geval is, evenmin als bij die van Kuropa, ten minste, indien het verschil werkelijk bestaat, dan is ons oog of onze opmerkingsgave niet ontwikkeld genoeg om het waar te nemen.

Jong van Cassidix oryzivora in het nest van Cassicus persicus.

Sluiten