Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Subfam. der PITYLIN^.

VINK-TANAGERS.

„Tot de Vinkachtige Tanagers worden gerekend alle Tanagers, die in snavel en lichaamsvorm de Vinken naderen. Dikwijls is deze gelijkenis zoo opmerkelijk, dat zelfs de grootste kenners niet in staat zijn te zeggen, tot welke familie eene gegevene soort behoort. Andere V. T. alweer komen min of meer overeen met de Mniotiltidce.

Ook wat levenswijze aangaat verschillen V. T. niet van typische Vinken. Vele kraken zaden. De zang of het gefluit van sommige gelijkt wel wat op de waternoten der Vinken.

Genera.

A. Snavel spits, min of meer half kegelvormig, doch enkele malen bijna vinkachtig ; pooten groot en krachtig (Pitylinte fringillirostres).

„Culmen recht.

BUARREMON, BP.

B. Snavel kegelvormig ; culmen eenigszins gebogen ; vleugels kort; pooten zwak (Pitylinte conirostres).

ARREMON, VIEILL.

C. Snavel grooter en krachtiger; culmen gebogen; pooten grooter (Pitylinee validirostres).

„Staart eenigszins rond ; rug groen of grijs.

SALTATOR, VIEILL.

„Staart vierkant; rug zwart.

LAMPROSPIZA, CAB.

D Snavel zeer krachtig ; bovensnavel gezwollen; culmen sterk gebogen {Pitylinee tumidirostres).

a Snavel langer; bovensnavel eenigszins verbreed; pooten krachtig. „Staartp. zeer lang en trapsgewijze gerangschikt.

CISSOPIS, VIEILL.

b. Snavel korter; bovensnavel opmerkelijk gezwollen of verbreed; pooten zwak.

Sluiten