Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Honigkruipers. Zoowel de onder- als bovensnavels zijn minder gebogen, maar toch dun en uiterst spits. Het vederkleed ziet er volstrekt niet fraai uit en varieert uitermate in tint, vooral de grijze keel en witte wenkbrauwen. De vederen zijn meermalen ook zóó stevig aan de huid bevestigd, dat men individuen aantreft, die aan de onderdeelen slechts naakte vederschachten vertoonen, tengevolge van het pikken en trekken der vogeltjes gedurende den ruitijd.

B. worden, hoewel niet heel talrijk, uitsluitend bij paren of eenzaam overal aangetroffen. In de kolonie staan ze bekend als Zuigie-tietrie (Zuig-tieters) of Banakanarie (Banaan-kanaries), en bij de Indianen als Tietiepriesie. Hun voedsel bestaat uit bloemsappen en insectjes, die ze bemachtigen door den snavel in de bloemkelken te steken. Toch worden ook zachte tuinof boschvruchten niet versmaad. De naam Banaan-kanarie doelt op de voorliefde der vogeltjes voor de sappen en insectjes in de witte kelkjes aan den kegelvormigen zak onderaan een bos bananen of bacoven; tieter en kanarie daarentegen geven de gelijkenis terug van het B. met een Todirostrum of Euphonia.

Bij het trekken van boom tot boom laten B. een aanhoudend gepiep hooren. Hun zang klinkt vloeiend, aangenaam en zacht voor ongeveer vier of vijf seconden aan één stuk door, onderbroken of gevolgd door eene pauze van eene seconde of ook wel langer; het laat zich beschrij¬

ven als „tjie-lie-pie-tie-jée ke-pie-lie- chioropyga.

pie-tie-jiet." Dikwijls zit de zanger dan op

een drogen tak in een hoogen boom. Hij volgt ook eene geregelde levenswijze en men kan hem eiken dag, bijna op hetzelfde uur op eene bepaalde plaats terugvinden.

C. c. broedt min of meer het geheele jaar door, maar vooral gedurende de droge seizoenen. Het ronde nest van ongeveer 14 c.M. in hoogte en 8 c.M. in doorsnede heeft een zij-ingang en wordt samengesteld uit droog gras, boschkatoen, bladeren en reepen pisangbladeren. Dikwijls valt het vogeltje op den grond bij overmatige inspanning om zulk een reep van het

Sluiten