Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TURDIDiE.

vl. 6.5, st. 7, tars. 2, culm. 1.8. Geogr. dist. Brazilië tot Ecuador, de bovenHuallaya, de Guiana's en Venezuela. Lok. dist. Het binnenland.

„De Sperwer Vireo, eng. Thick-billed Vireo, wordt gekenmerkt door een hoogen snavel, die, gemeten bij de basis, hooger is dan half de culmenlengte.

S. V. behooren tot onze zeldzame soorten en komen bijna uitsluitend in het binnenland voor.

Familie der TURDID/E.

LIJSTERS.

Ruim 300 soorten Lijsters, Mcerlen, eng. 1 hrushes, Blackbirds, Bluebirds, Robins, Solitaires, fr. Merles, Solitaires, Grives, zijn bekend, verspreid over de gehcele aarde. \ ele behooren in het noorden van hun gebied tot de trekvogels, die zich gedurende den trek tot min of meer kleine of groote vluchten vereenigen. Andere weer brengen den winter in hun geboorteplaats door. In de Guiana's komen voor 14 soorten, gerangschikt onder één geslacht.

Onze L. varieeren in lichaamsgrootte van af eene Elamea pagana tot een Pitangus sulphuratus. Alle hebben ovale neusgaten, een middelbaren, bij de basis min of meer platten, even hoogen als breeden of breeder dan hoogen snavel, gelijk aan of korter dan de kop. De tip van den bovensnavel is doorgaans duidelijk gehoekt; aan de snavelbasis be\ inden zich nog al ontwikkelde borstelharen. De vleugels zien er lang en spits uit; het aantal slagpennen van den eersten rang bedraagt tien. De pooten zijn in den regel nog al krachtig, in verband met de levenswijze op den grond. Aan de tarsi ontbreken scutellen of zijn die heel onduidelijk, uitgezonderd aan het ondergedeelte nabij de basis der teenen. De staart is middelbaar en min of meer vierkant. Het vederkleed varieert, maar ziet er doorgaans protectief, grijsachtig of bruinachtig uit.

Sluiten