Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JUSTORUM ANIM/E

Justórum animae in De zielen der recht vaarmanu Dei sunt, et nón digen zijn in Gods hand; tanget illos torméntum en de smart des doods zal mortis. haar niet treffen.

\ isi sunt óculis insi- In de oogen der dwapiéntium mori : illi autem zen schijnen zij te stersunt in pace. ven; maar zij zijn in vrede.

Ter eere van één enkelen Martelaar

DEUS, TUORUM MILITUM

1. Deus, tuórum militum o God, der strijdren ze¬

gekroon,

Sors, et coróna, prae- Hun kostbaar deel en mium, eeuwig loon,

Laudes canéntes Mar- Verleen, om 't Martelatyris ren bloed,

Absólve nexu criminis. Ons vleklooze onschuld van gemoed.

2. Hic nempe mundi Lof hem, die lust en wegaudia, reldvreugd

Et blanda fraudum pa- Verzaakte, om enkel ^u'a> voor de deugd

Imbüta felle députans, Te leven, en, in zekre vaart,

Pervénit ad coeléstia. Zijn pad te richten hemelwaart,

3. Pcenas cucürrit fórti- Die, met onwankelbater> ren moed,

Et süstulit viriliter; U 't offer bracht van pijn en bloed,

Fundénsque pro te san- En nog, met reeds be&u'nem, Istorven mond,

Sluiten