Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a. Qui mane junctura a. Gij, die den dag te vésperi voorschijn riept,

Diem vocari praecipis, Der tijden wisselbeurten schiept,

Illabitur tetrum chaos. Die uit den bajert orde wrocht,

Audi preces cum fléti- o, Dat uw oor ons hoot)US- ren mocht.

3. Ne mens gravata cri- Dan zou der ziel, van t mine schuldjuk vrij,

Vitse sit exsul münere, En in uw heilgenade

blij, , ,

Dum nil perénne cógi- Des levens loon ten erttat, deel zijn,

Seséque culpis illigat. Na 's werelds leed en zondepijn.

4. Coeléste pulset ósti- Wij kloppen aan de heum, meipoort,

Vitale tollat prsemium : Ach, worde ons smeekgebed verhoord,

Vitémus omne nóxium, Zoo blijft, van aardschen last bevrijd,

Purgémus omne péssi- Ons hart voorts enkel U mum. gewijd.

5. Prsesta, Pater piissi- Schenk, Vader, van uw mej hoogen troon,

Patrique compar ünice, Die gunst ons, om uw lieven Zoon,

Cum Spiritu Paraclito, En zijt met Hem en met den Geest

Regnans per omne sae- De troost van t harte, culum. Amen. dat U vreest.

Sluiten