Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REP. — KEQ.

Replication (replikeis'n), n. wederantwoord, echo.

Repl Ier iriplat9), s. antwoorder; —y,s. antwoord, v. a. beantwoorden, v.n. antwoorden (to); (to — to a letter, I11 — to a letter).

Repoiisli (ripoiié), v. a. opnieuw polijsten.

Report (ripó»t), s. bericht, verslap, gerucht, roep, knal, gebulder (tlie — of cimiioii); a detniled —, een uitvoerig- rapport; tlie — and bitlaiice sheet, de rekening en verantwoording, de volledige staat; —, v. a. berichten, vertellen, uitstrooien, verklaren voor, v. n. verslag doen, bericht geven; to — progress, mededeeling doen van den stand der zaken; to — upon « hlll.verslag uitbrengen over een wetsontwerp; to — «bout a thing. bericht geven over iets; he was —ed absent, (mil.) hij werd afwezig gemeld; he ' Is well —ecl, lui in te goeder naam en faam bekend; —er. s. bericht-, verslaggever, steno- ; graaf; —Ingly, ad. volgens het gerucht.

Repos al (ripouz'l), s. (het) zetten, leggen, berusting, vertrouwen; —e, s. rust, stilte, rustpunt; —e, v. a. ter rust leggen, leggen, stellen (in, 011, upon); v. n. rusten, berusten; (011) zich verlaten op; — edness, s. rust; — It (ripozit), v. a. nederleggen, in bewaring geven; —Itlon {ripouzté'v), s.nederlegging; —itor (ripozi/9), s. plaatser, hersteller; — Itory, s. bewaarplaats, depót, pakhuis.

Repos«ess (ripo:e*), v. a. weder bezitten, weder in bezit stellen (of); —Ion, s. wederbezit.

Reprehen d (reprihend), v. a. berispen; — der, s. berisper; — slble, a. — sihly, ad. berispelijk, strafbaar; —slbleness, s. berispeiykheid, strafbaarheid; — sion, s. berisping; — slve, —sory, a. berispend, lakend, j

Represent (reprjzent1, v. a. voorstellen, ver- j tegenwoordigen; —ation (reprgzdnteté'n), , t. voorstelling, vertegenwoordiging, verma- j nlng; —ative {rey-razentitiv), a. voorstellend, vertegenwoordigend, s. voorstelling, vertegenwoordiger; a coiineil, —ative of the people, een raad, bestaande uit vertegen- , woordigers van het volk (—atives of the 1 people) 1 —er, s. voorsteller, vertegenwoor- | aiger; —ment, s. voorstelling, uiteriyk aanzien.

Repress (ripres), v. a. beteugelen, onderdrukken; —er. s. onderdrukker; —ion, s. beteugeling: —ive. a. beteugelend.

Reprieve (ripriv), s. uitstel, opschorting (van een vonnis); —, v. a. uitstellen, opschorten.

Reprlntaitd {reprim&nd), s. berisping, bestraffing; —, (reprimdnd), v. a. berispen, bestraffen.

Reprint (riprint), s. herdruk, nieuwe uitgave; —, v. a. (riprtnt), herdrukken.

Repris al (ripratz'l), s. weerwraak; letter of —als. kaperbrief; by way of —al. bij wijze van weerwraak; to mnke —als, weerwraak (réprésaille) nemen; —e, s. herneming, wedervergelding, hernomen schip.

Reproach (riprouti), f». verwijt, schande (he was a — to liis family); —, v. a. ver¬

waten, verwijten doen (for, with); (to — a person with a thing); —able, a. berispelijk, strafbaar; — ful, a. — fully, ad. beleedigend, schandelijk.

Reproba te (reprabeit), a. snood, verworpen, verdoemd, g. snoodaard, verworpeling, verdoemde; —te, v. a. verwerpen, verdoemen; —teness. s. snoodheid, verworpenheid, verdoemdheid; —tion (reprebeii'ti), s. verwerping, verdoemenis; the tenet of — tion, het leerstuk der verdoemenis.

Reprodue e [riprodjfk*). v. a. weder voortbrengen; —tion (riprodnki'ti), s. wedervoortbrenging.

Reproof (HpHV/), s. verwijt, berisping.

Reprov able (ripritv'bl), u. berispelijk; —e, v. a. verwijten, berispen, beschuldigen (of); —er, s. berisper.

Reptile (reptilj, a. kruipend; —, s. kruipend dier.

Repnblle (ripnbUk), s. republiek, gemeenebest; the — of letters, het rijk der letteren, de letterkundige wereld; — an, a. repuhlikeinsch, s. republikein.

Republ ioation (ripnblikeii'n), s. herhaalde bekendmaking, herdruk; —ish (ripnblii), v. a. weder bekend maken, opnieuw uitgeven.

Repudia ble (ripjikdisb'l), a. verwerpelijk; — te.^ v. a. verwerpen, verstooten; —tion (ripjudieii'n), s. verwerping, verstooting; — tor (ripjiédieit9), s. verwerper, verstooter.

Repugn [ripjiin], v. a. weerstreven, strijdig zijn met; —snee [ripngn'ns), s. tegenstand, tegenspraak, tegenzin, afkeer; —ant, a. —antly, ad. weerspaunig, (to) strijdig met, afkeerig van.

Repnl se (ripofo), s. terugdrijving, afwijzing, v. a. terugdrijven, -stooten, afwijzen; to meet with a —se, een afwijzend antwoord ontvangen, afgescheept worden; —sion (riïnls'n), 8. terugdrijving, afwijzing; —sive, —sory, a. terugdrijvend, afwijzend.

Repurehase (ripótéat), v. a. weder koopen.

Repnta ble (repjul9b'l)% a. —bly, ad. geacht, eervol; — tlou (repjüteii'n), s. goede naam, achting (for).

Repute (ripjiït), s. naam, goede naam (for)t (a man of high, good, bad —) j —, v. a. houden voor; he is —d to be rich, men houdt hem voor rijk ; he Is —d to be hls father, hij wordt voor zijn vader gehouden; —d, a. geacht, vermeend; —dly, ad. naar men beweert; —less, a. ongeacht, schandelijk.

Request (rifrirest), s. verzoek, verzoekschrift, aanzoek, vraag, navraag, aanzien; to be In great —, zeer gezocht (gewild) zijn; to make a — to, een verzoek doen aan; to be out of —, niet gevraagd worden; —, v. a. verzoeken (of); —er, s. verzoeker, requestrant.

Requicken (rtfacik'n), v. a. weder verleven.

digen.

Requiem (rikwi9m, 8. zielmis, lijkdienst.

Requir able (riku-atrsb'l), a. vereischt; —e, I v. a. eischen, vorderen, vereischen; —ement,

Sluiten