Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SEN. — SER.

bespeurbaarheid, gevoeligheid, vatbaarheid, ! gevoel, verstand; —tlre, a. — tively, ad. gevoelig; — tive-plaut, kruidje roer-me-niet; —tivhiess yteutitivna»), s. gevoeligheid (« —tlvlty); —tize, gevoelig maken.

Sensor lum [fsnsöriam; —y (rentari), s. zetel des gevoels, zintuig.

Sensual [*e>ulal), a. . —ly. ad. zinnelijk, vlee- , schelyk; — i«t, s. zinnelijk mensch. welluste- | Mng; —ity (renéutrliti), s. zinnelijkheid; — : Ize [teniualaiz), v. a. zinnelijk maken.

Sentence (smutsnt),*. vonnis, zinspreuk, volzin; to p«M — 01» a crimlnal, het vonnis uit- 1 spreken over een misdadiger; — of tleath, j doodvonnis; —, v. a. vonnissen, veroordeelen; j to be —d to death, ter dood veroordeeld , worden.

Seiitentious (smteni»»), a.; — ly, ad. eed achtenryk, bondig; —ness, s. spreukrijkheid, bondigheid.

Sentient (reni»nt), a. gewaarwordend; —, s. met gevoel begaafd wezen.

Sentiment itentimgnt), s. gevoelen, gevoel, gevoeligheid, gewaarwording, meening, gezindheid, gedachte, toost; to propoNe a —, een dronk (toost) instellen ; —al (fentiment'/), a. gevoelig, gevoelvol, sentimenteel; — ality (sentimgntirhti), s. overdreven gevoeliglieid.

Sentlnel (aentiml), s. schildwacht; to staml —« op post (schildwacht) staan ; to relieve —• de wacht aflossen.

Sentry gentri), s. schildwacht; to stand —. op schildwacht staan; —•box.schilderhuisje.

St-para ble (tep9r9b'l), a.; —bly, nd. scheidbaar; —bility (eeparsbt'iti), —l>lene««, s. scheidbaarheid ; —te, a. —tely, ad. afgeschei den, afzonderlijk; —te, v. a. scheiden,afzonderen ; to —te tlie ehalf front tlie wheat, het kaf van het koren scheiden; — teness, s. afgezonderdheid; —tion, s. scheiding, afzondering; —tlst, b. afgescheidene; —tor, s. scheider: — tory, a. scheidend, afzonderend; —tory ducts, afscheidende vaten.

Sepia (nipj»), s. sepia (bruine verf), inktvisch.

Sepoy (.'«pot), s. sepoy (inlandsch soldaat in Hritsch-Indië).

Septang Ie (geptar^gl), s. zevenhoek; —ular, a. zeven hoekig.

September [gitptemba), s. September, Herfstmaand.

Septen ary (?epfe»?ri), a. zeventallig, s. zevental; —nial (99pteni9l), a. zevenjarig; —trion, s. noorden; —trional [$9ptentriiiêf), a. noordelijk.

Septic (septik), —al. a. bedervend, verrottend.

Septilateral (*ept.ilnt»r»l), a. zevenzijdig.

Septuage nary (*eptjua;il£iii9ri), a. zeventigjarig, s. zeventigjarige; — si ma (teptjudcIzesima), s. derde Zondag vóór de Vasten.

Septnple Ueptjup'l), a. zevenvoudig.

Sepul chral (*9yolkr'l), a. graf-, begrafenis-; —cliral voice, grafstem; —chral rites, begrafenisplechtigheden; —chre (tep'lk9), s. graf; the Holy —chre, het heilige graf, —ture (fe) 9?li9), s. begrafenis.

Sequaci ous (8iJcueiS9S), a. volgzaam, ge¬

dwee; —ty [siktcarriti), s. volgzaamheid, gedweeheid.

Sequ el (rikw9l), 8. vervolg, gevolg; —ence, s. volgorde, reeks; —ent, a. volgend.

Seques ter (sikicm*t9), —trate, v. a. afzonderen, ter zijde leggen, verwijderen, in beslag nemen, v. n. zich terugtrekken; — trable, a. af te zonderen, in bewaring te stellen, in beslag te nemen; —tratlon (*ekw98treti'n), s. afzondering, inbeslagneming; —trator ($eJcu>9$trett9), s. beslaglegger.

Seraglio (rirmljÓ), s. serail.

Seraph («er»/), s. (pl. seraphim, ook serapha) seraf;—ic, —ical (a. engelachtig, rein.

Sere {ti9), ». droog, dor; —, s. klauw.

Serena«l* lieivnetd, s. avondmuziek, serenade; —, v. a. & n. eene serenade geven.

Seren e (g»rin), a. —ely, ad. helder, klaar, kalm, bedaard, doorluchtig; — e courage, kalme moed; your most —e Highness, uwe Doorluchtigheid; —e weather, helder weer; — e, v. a. opbeuren, geruststellen; —eness, —Ity (89reniti), s. kalmte, bedaardheid, doorluchtigheid.

Serf l$vf), s. lijfeigene; —age, —doiu, — hood, s. lijfeigenschap.

Serge (rih?£), s. serge (wollen of bewerkte zijden stof).

Sergeant (» adzant), s. gerechtsdienaar, sergeant; —•drnuimcr, tamboer-majoor; — major, sergeant-majoor; — at-arms, roededrager ; — at-law«,rechtsgeleerde der kroon; —ship. s. sergeantschap.

Seri al (tirial), a. & s. tot eene serie behoorend (geschrift); a —al novel, een roman, die bij gedeelten in krant of tijdschrift verschijnt, een feuilleton; —es (êirjig), s. reeks, serie.

Serio-comicfal) (ririoukomik'l), a. tragi-komisfh, halfernstig, halfcomisch.

Sericlous (»r#Jw<), a. zijdeachtig.

Sericulture (sirikvltj9), s. zijdekuituur.

Serious frirfef), a. — ly, ad. ernstig, stemmig, gewichtig; —ness, s. ernst, stemmigheid, gewicht.

Sernion (tóm'n), s. predikatie, preek; — o» the Mount, de Bergrede; —ize, v. eene preek maken, prediken.

Ser osity (sirotiti), *. waterachtigheid; —ous (sir9ê), a. waterachtig, dun; —ous vessels, bloed watervaten.

Serpent (sóp'nt), s. slang, voetzoeker, serpent; —arius, s. Slangendrager (sterrenbeeld); — ary, s. slangenkruid; —Ine, a. slangvormig, kronkelend; s. slang, buis; slangenkruid; —powder, ongekorreld kruit; — stoue, serpentijnsteen ; — Ine, — ize, v. n. kronkelen.

Serpig Inous (svptd£iv98), a. met dauwworm behept; —o (tópuigó), s. dauwworm.

Serr ate (rereit), —ated, a. zaagvormig, uitgetand; — atioai (»9reii*n), —ature (snr9tjü9), s. zaagvormigheid, getandheid ; —ulate, a. i'ijn getand.

Serrled (terid), a. gedrongen, aaneengesloten;

Sluiten