Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenen vloot Rijnwijn; de tweede gaf Franschen witten wijn, en de middelste hypocras. Nog merkwaardiger, wat de kunst betrof, doch minder belangrijk in de oogen der gasten, was een boom, die midden op de tafel stond en alle mogelijke vruchten droeg, deels natuurlijk, deels nagebootst, en in wiens gouden bladeren kunstig gemaakte vogeltjes, door verborgen werktuigen bestuurd, met de vlerken klapperden en allerlei deuntjes floten.

Het was ongeveer zes uren na den middag, de tjjd, waarop men gewoon was den tweeden maaltijd te nemen: de meeste gasten waren reeds verzameld en wandelden de bekoorlijke dreven op en neder, ofschoon zij die beweging niet behoefden om hun honger te scherpen. Zij hadden door het tornooispel van dien morgen verzuimd hun middagmaal _ te nemen, of te rampeneeren, gelijk men het noemde, en benijdden de paarden, die m haastig opgeslagen noodstallen zich reeds vergasten mochten aan het verscne gras, waar de ruiven mede gevuld waren, toen de Graaf met zijn hofstoet van Haarlem kwam aangereden. Zijn voorhoofd was somber, en hoewel hij zijn best deed om zich te bedwingen en zijn gasten met gulheid en wellevendheid te verwelkomen, ontging het echter niemand, dat hij zich in een onaangename luim bevond.

De oorzaak hiervan lag in de tijdingen, welke hij dien dag uit het Sticht bekomen had. Ieder, die met de geschiedenis van ons iand bekend is, weet, hoezeer de Graven van Holland er altijd en met reden op gesteld waren geweest, een Hollander, of althans een hunner bloedverwanten of leenmannen, op den Bisschoppelijken zetel te zien, ten einde hun invloed op het Sticht te behouden en de anders zoo gestadige twisten tusschen Holland en Utrecht te voorkomen. Dit was ook het doel van Willem IV geweest en hij was daarin _ in zooverre geslaagd, dat hg Jan van Arkel, den zoon van een zijner machtigste vazallen, den mijter had doen bekomen. W^j hebben reeds vroeger opgemerkt, hoe de nieuwe Bisschop weinig aan het oogmerk zijns Deschermers had beantwoord. In den bloei der jaren, tegen zijn zin in den geestelijken stand getreden, oovendien uit een hooggevoelend en trotsch geslacht gesproten, dat slechts noode iemand boven zich gesteld zag, had de fiere jongeling weinig lust gevoeld, aan den leiband aes Graven een berooiden boel te beheeren en alleen in naam Bisschop te zijn, zonder het vermogen te bezitten om zijn waardigheid op te houden of zjjn gezag te doen gelden. Het gevolg hiervan, de reis des Bisschops naar Grenoble, net lossen der aan Graaf Willem verpande sloten en al hetgeen verder gedaan was om diens invloed te verminderen, hebben wij reeds verhaald. Om dezen invloed te herwinnen had de Graaf onderscheidene middelen in het werk gesteld, en, nu kort te voren, inzage der rekeningen van het Bisdom verlangd: maar het was juist na den afloop van het steekspel, dat een renbode hem een _ briet gebracht had van de Kapittels van Utrecht, waarbij hem die inzage gladaf geweigerd werd. In de eerste opwelling van gramschap over dezen grievenden hoon had hjj, zonder iemand te raadplegen, en alleen zijn drift gehoor gevende, terstond een ontzeg

Sluiten