Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

!!1™™ toestand bedenkelijken, ja hoogst gevaarlijken tocht te S !• vergat zg alles, ook zelfs den teedergeliefde, om hem, $ .£°°veel verschuldigd was. Niet zonder moeite, en op Madzy en Feiko leunende, daalde Ajjlva de trap af; zoodra hij zich buiten en in den zadel bevond, scheen het, of zijn zwakheid f'aitn 6ij6n- wa3iien Pn ros de sporen gevende, reed hij, van

Jn l? draf den weg °P naar Stavoren.

ee^ h?»nHL,Tfertr0jke,\.Waf'xgelastte ^adzy den ouden pachter eemg brandhout op den haard te werpen: en weldra zat de monnik,

™,,r V£LWan*elm£, ^?0?,at 8eworden was, zich bij een vroolijk v ' te.rwlJ1 ^adzy een verwarmenden drank naast hem vf^f8rU,iwenJ J be,waarden zj' het stilzwijgen: men kon beiden elkander veel te vertellen hadden In als 't ware verlegen waren hoe te beginnen.

om fï!R Jatte d«monnik het woord op: „Wij hebben wel reden ™ u j danken, Freule! Hij heeft ons uit groote gevaren gered:

zullen wederzien."6 ZOnderllnge scheiding, mij niet gevleid u ooit te

leden°" gesterkt," zeide Madzy: „maar ik heb veel ge-

•£Er zonderlinge geruchten van u in omloop," zeide de monwooU'™ heeft mij verhaald, dat gij te Utrecht bij een Ridder gevangengehouden. — Mag ik vragen, was deze ook dezelfde als de Durchtvoogd van het slot Nyenstem nabij Plaswijk?"

,?Vas hem het eerst op het slot," zeide Madzy: >ie hij waa heb ik gezworen te verzwijgen." J

' vef.ik d,an kan opmaken uit het onzamenhangend verhaal van uw lotgevallen, dat hier rondloopt, zijn wij beiden de slachtofHon few®est denzelfden listigen bedrieger: en ik heb bijna reA5 « j gelooven, dat die zoogenaamde zoon van den Heer van Aylva mede de hand in 't spel heeft gehad."

dat 9?,00genaamde zoon? — gij hebt reden om te gelooven.

„Dat hier een samenweefsel van list en bedrog plaats heeft; — 1? zekerder te werk te gaan: verhaal mg, bid ik u, lotgevallen sedert ik u verliet."

HaMadz7.7oldeJed *"* zijn verzoek: zij begon met in korte woorden De °Pn®minS.ln '* slot Nyenstein te vermelden.

Art»? £?•+ zuchtte diep toen hij ontwaarde, welke listen Jan Van Arfcel in twerk gesteld had, om zich van zijn prooi te verzekeren: SSJhTÏÏ™raardlglng 8teeg ten top, toen zïj van haar verblijf te fc - ?6Taaêdf' en maakte Plaats voor een aandachtig nadenken, SosïS vemaT 48 V<U1 ^ reiS eD Van het 80beurde in 't Gaaa-

haH?00^ p °?der|ing! ' zeide hij, toen zij haar verhaal geëindigd doen ^eft,.zlc,h dus voor den zoon van den Olderman

Madzv ü hansworst zegt gij, is nog in Friesland?"

be"ie rae,° e°m,idde h,m-

Sluiten