Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bid ik ook bijzonder voor degenen, die mij eemge onaangenaamheid veroorzaakt hebben, of tegen wie ik eenige afgekeerdheid gevoel; om het even of dit hulpbehoevenden of medezusters zijn ?

27. Bid ik ook voor allen, die mij door de IIH. Regelen worden aanbevolen: voor mijne Oversten, voor mijne Biechtvaders, bloedverwanten, enz.

Tiende Onderzoek.

Over het Vertrouwen op God.

1. Welk is mijne gesteltenis ten opzichte van het vertrouwen, dat ik op God moet hebben? — Stel ik een onbepaald vertrouwen op Gods bijstand , en verwacht ik daarvan alles, zoo voor mij als voor anderen ?

2. Ben ik wel overtuigd , dat ik meer gevaar heb niet genoeg dan te veel op God te vertrouwen ?

3. Heb ik echter mijn vertrouwen geregeld volgens den wil van God , door mij , van mijn kant, te beijveren om te doen, wat in mijn vermogen was?

4. Besef ik wel, dat mijn mistrouwen, als het vrijwillig was , een zeer gevoelige smaad zoude zijn voor het minnende Hart van Jesus, mijn Bruidegom?

5. Doe ik mijn best, om alle kleinmoedigheid en mistrouwen tegen te gaan? — Zie ik dat aan als een wezenlijk gebrek, hetwelk de bron is, waaruit vele andere fouten voortvloeien ?

Sluiten