Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PSALM 28, 29.

3. Doe 't kwade, by hen ondernomen,

Op hen, naar hun verdionsten, komen;

Geef hun, opdat ze Uw hoogheid merken,

Naar hun verkeerde en booze werken;

Dat Uw gestrenge geeselroê Hun, naar het recht, vergelding doe.

4. Omdat zü nooit naar 't werk des Heeren Oplettend hart of oogen keeren,

Maar onbedacht en stout versmaden Het oogwit Zijner groote daden,

Zal Htf hen doon te grondo gaan,

Ontbloot van hulp om op te staan.

5. Geloofd zij God, wiens opon ooren

Mijn smeokstom gunstig wilden hooren:

Hij is mijn sterkte en schild in 't strijden; 'k Vertrouwde op Hem, Hij hielp me uit lijden; Dies springt mijn hart van juichensstof En zingt dos Allerhoogsten lof.

.. God geeft Zijn gunstvolk moed en krachten; Hij zal, in weerwil aller machten,

Zijn Rijksgezalfde staig behoeden.

Red, Heer, Uw Isrel uit al 't woeden:

Geef zegen aan Uw erve, en weid Uw volk; verhef ze in eeuwigheid.

1 = d. PSALM 29.

5*6*56 7 • i • 5 • 1 • 7 • 6 i

Aard - sche machten, looft den Heek! Geeft den Hee-ke

7 6 5* 5*3*6 5 4 3 2*3*4*

sterkte en eer! Dat de lof van's Hoogsten naam Al - Ier

5 4 32 1* 1*5*5 345 6*

Groo-ten roem beschaam! Vorsten, 't voegt u Hem in 'tmid-

5*1*5*534 5 6*5* 5*6*1

den Van Zijn hei-lig-dom, te aanbid - don; 't Voegt u, met

7 6 5 4*3*| 1 *3*5 2 4 3 2*1 *

jde God-ge-trou - won, 'sHeeren heer-lijk-heid te ontvou-wen.

2. 's He eren stem, op 't hoogst geducht,

Rolt en klatert door de lucht;

Berst, met vreeselijk geluid,

Op de groote waatren uit;

Sluiten