Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PSALM 41.

7.5.4*6 7 12 7 6* 2*6*2 *1

hier op aard In vreê en za- lig-heid, Nooit van zijn Gód

6 1 76*5*4* 7 65 4*3*2*

ver-la-ten, maar be-waard voor 'svij-ands boos be- - leid.

2. De Heer zal hem, op 't ziekbed neergestort,

Versterken door Zijn kracht;

Gij maakt, dat zelfs zijn gansche loger wordt

Veranderd door Uw macht.

Ik heb tot God geroepen om genÉl;

'k Zei in mijn angst en leed:

„Genees mü, Heer, die b;j U schuldig sta,

„En tegen U misdeed."

3. In plaats van troost vervolgt mij 's vyands blaam;

Z\j zeggen tot elkaar:

„Waar blijft zijn dood ? Wanneer vergaat zijn naam V

Komt iemand van die schaar Om mij te zien, dan spreekt hij valsch, en smeedt

Mij kwaad, zooveel hij kan;

Als hij terug van mij naar buiten treedt,

Spreekt hij er andren van.

PAUZE.

4. Z\j momplen saam, vervuld met bittren haat;

Van raadslaan nimmer moe,

Bedenken zvj een goddeloos verraad;

Men zegt; „Gods geeselroe „Treft hem gewis; een schanddaad kleeft hem aan ;

„Hij ligt voor eeuwig neer;

„Nu zult gij hem niet weder op zien staan,

„Hersteld gelijk weleer."

5. Zelfs hij, op wien ik voormaals heb vertrouwd,

Miin vreê- en dischgenoot,

Verhief zijn hiel en sloeg mij fier en stout,

Terwijl hij at mijn brood.

Maar Gij, o Heer, schiet tot mijn hulpe toe,

Bewijs genü, en red En richt mij op; dat ik vergelding doe En de ontrouw palen zet.

6. Ik ken Uw gunst, ik ken Uw trouw hieraan.

Dat zich mijn vijand niet Beroemen zal, noch ik te gronde gaan,

Wijl Gij m;j bijstand biedt,

Mij onderhoudt in mijn oprechtigheid,

En voor Uw aangezicht,

Met teedre zorg en trouwe hulp, geleidt Naar 't eeuwig zalig licnt.

Sluiten