Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

delijkheid en het kon niet geschieden, dat zij, die als Moeder God had gedragen, als moeder nog een mensch zou willen dragen.*) De H. Augustinus drukt het kort en bondig aldus uit: zij heeft ontvangen als Maagd; zij heeft gebaard als Maagd; zij is Maagd gebleven. In het H. Evangelie worden Jesus' bloedverwanten als zoodanig zijne broeders genoemd, gelijk Lot de broeder heette van Abraham. Nergens lezen wij dat Joseph hun vader was. Nergens worden zij zonen van Joseph geheeten, maar wel worden zij zonen van Klopas genoemd. Gij zegt, zoo spreekt de H. Hieronimus tot Helvidius: gij zegt, dat Maria niet Maagd is gebleven: ik ga nog verder en zeg, dat Joseph maagd is geweest door Maria.

De kerkvaders Epiphanius 3) en de H. Athanasius4) no.emen haar altijd Maagd. De H. Ildephonsus roemt Maria met deze woorden: deze vrouw is het vat der heiligmaking, is de eeuwigheid der maagdelijkheid, is de Moeder van God, is het heiligdom van den H. Geest, is de geheel eenige tempel van haren Maker.5) Daarom richt ook de H. Joannes Damascenus deze woorden tot den H. Joachim

1) S. Coni Ambr. de instit. Virg. C. 6 n. 45. 2) S. Aug.

Serm. 51 de Mt et Lc C. II tl. 18. 3) S. Epiph. Haeres 78'

4) S. Athan. in fragm. comm. in Lc T II nov® Coll. p.

43. 5) S. Ildephons de perpetua Virgin. Marias C. X

p. 127.

Sluiten