Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sprekelijk grooter was Maria's blijdschap, toen zij 'uitriep: mijne ziel maakt groot den Heer en mijn geest heeft zich verheugd in God, mijnen Zaligmaker. Want Hij heeft neêrgezien op de geringheid Zijner Dienstmaagd. Van nu af toch zullen alle geslachten mij zalig prijzen... Hij heeft aangenomen Israël Zijnen dienstknecht, gedachtig, gelijk Hij tot onze vaderen heeft gesproken, der barmhartigheid aan Abraham en zijn zaad in eeuwigheid.

üods Zoon was de afstammeling der aartsvaders, Jesus sproot voort uit Adam, Noë, Sem, Abraham, Isaak en Jacob; maar zij waren slechts middellijk door de afstamming van ver-

srhillpnrlp ppini^n 7ütiü -r

VdUUS. iVictdl UC Z-OOn

des Allerhoogsten was de eigen Zoon van Maria. Zij öntving Hem van den H. Geest. Zij mocht Hem onder het hart dragen; in Bethlehems stal schonk 'zij Hem het leven.

De aartsvaders mochten hunnen grooten afstammeling niet zien. Maar Maria mocht het heil aanschouwen, dat bereid was voor het oog aller volkeren; zij mocht Hem, den Zoon van God, het eerst begroeten, toen Hij in den stal van Bethlehem geboren was. Zij mocht haar Goddelijk Kind op de armen dragen en het met de teederste liefde omhelzen.

Groot was het geloof van Abraham, toen hem in zijn hoogen ouderdom een zoon werd toegezegd uit de onvruchtbare Sara. Maar

Sluiten