Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten uit elkaar genomen en flink atgewasscnen met zeepwater.

Het beddegoed legge men, als 't kan, in de zon en kloppe het uit met een langen stok. Het vuile linnen en de bedgordijnen worden in de wasch gedaan, terwijl de dekens goed worden uitgeklopt.

Ook de linnen- en kleerenkast wordt grondig nagezien; de kleeren uitgeklopt en afgeborsteld. Het schrobben of dweilen van den vloer moet het laatste gebeuren.

Na de kamers is de beurt aan de keuken, die bij deze gelegenheid opnieuw wordt gewit.

Onderhoud der werkbenoodigdheden :

1. Bezems, boenders, luiwagens moeten opgehangen en niet op het haar neergezet worden.

2. De dweilen laat men niet in een wrong liggen, doch na ze flink met den draad uitgewrongen te hebben, hangt men ze op een lat of tegen den muur op de binnenplaats.

3. Zeemleeren lappen worden goed uitgewasschen, droog uitgewrongen, uitgerekt en opgehangen. Als ze zeer vuil zijn kan men ze wasschen in karnemelk.

4. Emmers behooren, na het gebruik, goed uitgespoeld en het onderst boven op een plank 'of in de kast geplaatst te worden.

5. Borstels en doeken, waarmee men de kachel poetst, bewaart men in een mandje of kistje, evenals de schoenborstels en het schoensmeer.

jj 5. Het verdrijven van ongedierte.

Niet alleen bij den grooten schoonmaak, maar het heele jaar door moet de huisvrouw een waakzaam oog houden op sommige diertjes, die het den mensch soms zeer lastig maken.

Zoodra zij de aanwezigheid van eenig ongedierte bemerkt, moet zij niet wachten het te verdelgen, want

Sluiten