Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men er kokend water, zout, foelie en de schoongewasschen gerst bij en laat dat alles ongeveer 2'/, uur koken. Bij het opdienen klopt men een ei in de soepterrien en schept dan onder gestadig roeren de kokende soep erbij.

14. Aardappelsoep.

Men laat wat boter of vet bruin worden, daarin stooft men fijn gesneden prei en selderij. Vervolgens doet men de aardappelen met wat zout erin en zooveel water, dat de aardappelen onder staan. Als deze gaar zijn, maakt men alles te zamen fijn, voegt er zooveel kokend water bij als noodig is, met wat peper en foelie en laat ze dan nog even doorkoken. (1 uur.)

15. ulensokp.

Men laat eenige fijn gesneden uien in vet en boter goed bruin worden, doet er dan 6 a 8 aardappelen (gekookte of ongekookte), peper en zout bij, en laat dat samen doorkoken. Als de soep gaar is wordt ze doorgewreven en nog 10 minuten gekookt.

k>. Groentesoep.

Men laat wat boter en vet heet worden, doet er fijn gesneden prei, spinazie en zuring in, laat dat alles wat stoven en voegt er vervolgens kokend water, zout, laurierblad en rijst bij en laat alles samen I uur koken. Als ze gaar is, roert men er fijn gekapte kervel in; deze behoeft niet mee te koken.

Sluiten