Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gekocht te Leeuwarden. Vgl. ook hierboven no. 820. Dat men hier werkelijk met Friesch werk te doen heeft, bewijst een exemplaar in het gemeentemuseum te 's Gravenhage met inscriptie: „Dese stolp die is seer ffoet orer het vuur te zetten; die dese stolp hanteert is nooit in vrese. Sneefden 14en 8her 1775".

Zilversmidswerk.

930. 1367. Lepel met platten korten steel eindigende in een knopje dat verguld is evenals de banderol op den rand, waarin gegraveerd is: .Thecus, Maria en een Christuskop met nimbus. Op den steel, boven, het jaartal; op den achterkant; Werner pectorp.

Vermoedelijk Duitsch werk. Hoewel er reeds in de terpen lepels van been en hoorn voorkomen zijn zilveren lepels uit de veertiende eeuw, buiten deze, in ons land niet bewaard gebleven. Lang 0.133 M.

931. De graflegging, langwerpig vierkant basrelief gedreven door Adam vciu Vicineti, omstreeks 1600. Op den voorgrond Jezus door drie personen boven het graf geheven. Links daarachter drie vrouwen in lange gewaden en kappen ovei het hoofd. Terzijde rotsen en in de verte een paleis van Jeruzalem. Hoog 0.12, br. 0.08 M.

Hoewel niet geteekend kan er bij de toeschrijving van dit heerlijke drijfwerk aan den meester der 12 gegoten bronzen basreliefs in het Rijksmuseum te Amsterdam, niet den minsten twijfel bestaan. Zie de afbeelding van twee der reliefs bij A. Pit: Het Goud- en Zilversmidswerk m het Nederl. 3luseum te Amsterdam, pl. XX\. Bij deze 12 reliefs bevindt zich ook eene graflegging (cat. no. 151 1', die in vele opzichten met het hier beschreven stuk overeenstemt. Adam Vianen van Utrecht huwde in J593 en was in 1628 reeds niet meer in leven. Zijne reliefs treffen door de hooge opvatting der uitgebeelde bijbelteksten, de meesterlijke groepeering, de rustige bewerking van het zilver.

932. Zilveren lepel met getordeerden steel, die eindigt in een apostelfiguurtje. Op het platte onderstuk van den steel

de inscriptie ! Mr. Sierck Willems Gaeina 1615.

933. Zilveren basrelief in den vorm van een papegaai, hangende aan eene ketting en met gegraveerde vederen bedekt. Schuttersprijs; 17e eeuw.

Hoog 0.105 M. Merken: I. L. H. (meesterteeken) — een ossekop (Osch ?)

934. Zilveren top voor een staf, balustervormig en eindigende in eene lelie. Vermoedelijk 17e eeuw.

Lang 0.29 M. Merken : Utrecht — lelie — jaarletter IJ.

935. Ovale b r a 11 d e w ij 11 k o m van zilver, gedreven te Leeuwarden door Johannes Lely, in 1704 of 1725. De kuip heeft een geribden rand en is versierd met cartouche-ornament. De horizontale ooren zijn schelpvormig.

Sluiten