Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vertoont op zijn voorhoofd; een koning kan alles; hij kan den geringste zijner onderdanen tot den eersten man van zijn rijk verheffen; soms geeft hij de hand zijner dochter aan een kleermakersknecht, die geweldig hard kan blazen.

Als gij van den Koning spreekt, staat den eenvoudige dadelijk iets als schoppenheer of klaverenheer voor de verbeelding.

En gelijk een vloek de hoogste uiting van moed is bij een lafaard, zoo is ook eene beleedigende uitdrukking aangaande den Koning de hoogste bluf, de vermetelste blague van een verloopen sujet. De beleediging, zoowel als de vloek, vloeit voort uit verkeerd begrip of uit volslagen afwezigheid van begrip.

Volgens onze grondwet is de hoogste macht in den Staat de Volksvertegenwoordiging, dus het volk zelf.

Tegenover de Volksvertegenwoordiging is elk minister verantwoordelijk voor elke bestuursdaad, voor elk besluit des Konings. Alle stukken, van den Koning uitgaande, zijn krachteloos, als ze niet tevens onderteekend zijn door een minister, die ervoor ter verantwoording kan geroepen worden, die ervoor gestraft kan worden, als er eene wet geschonden, die ervoor verwijderd kan worden, als aan de billijkheid tekort gedaan is. Geen ander minister zal in zijne plaats kunnen komen, tenzij de daad ongedaan, het besluit herroepen worde.

De Koning is onschendbaar: de ministers zijn verantwoordelijk. De uitvoerende macht berust bij den Koning — op verantwoordelijkheid van den minister, als van die macht geen goed gebruik gemaakt werde. Met straffen kan de Koning nooit dreigen, dat doet alleen de Wet.

De Koning verklaart oorlog.

Is 't niet, om ervan té verbleeken ? Is dat niet eene enorme macht ?

Ja, dat zou het zijn, als die ministeriëele verantwoordelijkheid er niet ware ten eerste, ... de begrooting ten voornaamste. Oorlog verklaren is gemakkelijk genoeg, maar oorlog voeren kost geld. En nu wordt er geen gulden uitgegeven, of de Volksvertegenwoordiging moet dat goedgekeurd hebben. Daarom zal er wel nimmer een koning komen, die tegen den algemeenen wil der natie aan wien ook oorlog zou willen verklaren. Niemand maakt zich gaarne bespottelijk, nietwaar?

Ook sluit de Koning vrede en bekrachtigt hij alle verdragen met vreemde mogendheden, doch.... „verdragen, die wijziging van het grondgebied inhouden, aan het Rijk geldelijke verplichtingen opleggen of wettelijke rechten betreffen, worden

Sluiten