Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vreemde woorden hebben zij en hunne onderwijzers angstvallig vermeden; tot hun achttiende hebben ze nog een paar romannetjes doorloopen, — omdat zij geen tijd hadden voor wat anders, zegge: geen smaak en geen lust; nu is dat niet in te halen; nu is er nog veel minder tijd. Zoo blijft dan de algemeene ontwikkeling achterwege, die in den onderwijzer zoo broodnoodig, zoo het ééne noodige is. Nu blijven ze.... rekenaars. Sommen maken, waarin A, B, C, decistères, ossen, kaarsen, inkoop van eieren, verkoop met percenten winst, verhoudingen, herleidingen, „kapitaal", gemeene deelers en x eeuwig dezelfde muffe rol spelen, ziedaar hun lust en hun leven. Onze onderwijzers zijn voor het meerendeel rekenmeesters, en rekenen doen ze op de scholen bij voorkeur. De armste der schoolleerlingen is hij, die „niet meekan" met rekenen; dat is een domme.

Ik heb dikwijls het tegendeel opgemerkt.

Ik heb dommen gekend, die goed waren in het sommenmaken.

En jammer vind ik het alweer, dat er aan de scholen zooveel tijd besteed wordt, het leeuwendeel van den tijd, aan het sommenmaken, dat den gedachtenkring van de jongelieden beperkt en zoo weinig te pas komt in het latere denken en leeren.

Dat vlug werken met getallen en maten, dat vlug trekken van besluiten, is gymnastiek van den geest, zegt men.

't Zou waar zijn, als men zei: van een deel van den geest.

Men kan ook in de gymnastiek nutteloos te ver gaan.

Zoo'n vlugge sommenmaker komt mij wel eens voor als iemand, die het met zijn linkervoet zoover gebracht heeft, dat hij er zich mee achter het rechteroor kan krabben, 't Kan nuttig zijn en 't zal ook wel eens te pas komen, maar toch niet zoozeer, als dat iemand zich geoefend heeft in het nauwkeurig zien en hooren.

Naar mijne opinie zou het niet te veel zijn, als de helft van het aantal lesuren in de volksschool besteed werd aan het lezen en verklaren.

Dan zou de leerling het daarin zóó ver brengen, dat hij na het verlaten der school het gebouw zijner kennis alleen verder zou kunnen optrekken.

In ouden tijd leerde men de verst gevorderde leerlingen in de lagere school de courant lezen, de Oprechte Haarlemmer.

Het ware te wenschen, dat de beste leerlingen onzer volks-

Sluiten