Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GEDEELD. NUL OVER.

(1881.)

der de volken van Europa is geen armer, geen ellendiger dan het Iersche.

De Ier is landbouwer; hij produceert zelf de eerste levensmiddelen ; hij is het dichtst bij den mondvoorraad. Toch maakt gebrek hem tot een woesteling of sterft hij van honger.

Is zijn grond dan slecht? onvruchtbaar?

De aardrijkskunde leert, dat in weinig landen de bodem zoo goed is; klei, met kalk als onderlaag', vormt overal een bij uitstek voor weiland geschikten grond; braakliggende velden bezaait de natuur met

de fijnste grassen en kruiden en herschept ze in uitmuntende weiden, waaraan het eiland den naam van „het groene Erin" *) te danken heeft. Het zachte, eenigszins vochtige klimaat begunstigt den rijken plantengroei ongemeen; de wateren van den Golfstroom voeren een deel der tropische warmte uit de Golf van Mexico naar de Iersche kusten en matigen daardoor den winter zoodanig, dat strenge vorst en sneeuw tot de groote zeldzaamheden behooren, terwijl de koele zeewinden de heete zomers temperen en er door deze samenwerking eene luchtgesteldheid ontstaat, die voor veeteelt en vetweiderij niet beter, niet heerlijker, niet voordeeliger kan gewenscht worden.

„Wel, als dat zoo is," roept hier een landbouwer uit, „is in Ierland gewis veeteelt en vetweiderij, melkerij, boter- en kaashandel met den aankleve van dien het hoofdmiddel van bestaan."

Het zou zoo moeten wezen, en tot in het midden der achttiende eeuw, ja, was Ierland grootendeels weide.

Nu echter zijn de weiden gescheurd en ... . in aardappel-

l) Erin is de naam, dien de oorspronkelijke bewoners, van Keltische afkomst, aan het eiland «nven; al spoedig werd daarvan gemaakt E r i n 1 a n d, I r i n 1 a n d, I r e 1 a n d, Ierland.

Sluiten