Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor Oud-Beierland de H.H. P. H. Crans, A. van der Linden en D. Hoogenboom. Voor Strij en de H.H. A. Voordendag en P. A. Overwater. Voor Gravendeel de H.H. H. de Heer yan Bevershoek en C. Brand Az. Voor Puttershoek de H.H. C. Vogelaar en A. van Bree. Voor Numansdorp de H.H. J. Maasdam enjac. Verhagen. Voor K 1 a a swaal de heer J. A. Maat en. Voor Zuid-Beierland de heer K. Verhoeven. Voor Heinenoord de heer Vogelsan g. Voor Mijnsheerenland de heer K. Schelling. Voor Westmaas de heer B. de Zeeuw. Voor Maasdam de heer A. Bestebroer.

Blijkbaar was er hoop gekomen. Die ze niet hadden, ook omdat ze meenden, bij eene verbinding geen belang te hebben, waren weggebleven. De afgevaardigden van Nieuw-Beie rland en Piershil waren afwezig en Goudswaard had

er heelemaal geene willen benoemen.

De afgevaardigden keurden bij acclamatie de samenstelling der Commissie goed, maar dat de brug te Puttershoek gebouwd zou worden, verwierpenze. Ze waren nog onder den invloed van onze dikke spoorweglijn. Zoo werd dan overeengekomen, dat men de plaats niet zou noemen, maar de aanwijzing daarvan aan Rijk of Provincie zou overlaten. Tevens machtigden ze de Commissie tot het doen der noodige stappen, om het doel te bereiken.

In de voortgezette vergadering der Commissie kwamen toen reeds concessie-aanvragen voor den aanleg van trams en den bouw eener brug ter tafel: gedrukte stukken en mooie teekeningen van den heer J. I. van Waning. Men besloot tot het vormen van plaatselijke commissiën, tot het indienen van adressen. En den voorzitter stuurde men op audiënties, die hij ook getrouw vroeg en verkreeg. Ontelbare malen

is de heer Kluifhoofd allerlei machthebbenden wezen spreken.

In de vierde vergadering, Café Ponsen 2 April 1880, behandelde men concepten van stukken, die gericht zouden worden aan bezitters van heerlijkheden en grondeigendommen, aan gemeenteraden, aan de leden der plaatselijke commissiën, aan de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen. Goedgekeurd.

En alweer ontving men kennisgeving van concessie-aanvragen tot het aanleggen van trams in de Hoeksche Waard. Die van den heer Van Waning was de eerste geweest; de tweede was geteekend door de H.H. A. J. Verbeek van der Sande,

Sluiten