Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trillingen van een dun metalen plaatje, waartegen men spreekt, heel netjes overbrengt op een metalen plaatje aan het andere einde der geleiding en al de klanken juist herhaalt: de stroom laat het plaatje zingen, praten en kuchen, al naar het u belieft. Dat is het beginsel van de telephoon, waarover men in de wetenschappelijke wereld begon te redeneeren in 1860 en die in 1877 door Professor Alexander Graham Bell in bruikbaren vorm uit Boston naar Europa werd gebracht. En waar is thans geen telephoon ?

Aanvankelijk mocht de geleiding voor de telephoon niet te lang zijn, maar dit bezwaar werd spoedig overwonnen. In 1892 werd de telephoonlijn New-York—Chicago in dienst gesteld: ze is 276 uren gaans lang. Te Parijs spreekt men op zijn gemak met een vriend te Berlijn. Er is geen tusschenpersoon, geen telegrafist, dien gij uw geheim ongaarne toevertrouwt, meer noodig. In Duitschland hadden in 1899 reeds 1050 plaatsen haar eigen telephoo n-n e t, met 219,600 toestellen en 406,000 kilometer geleiding. Amerika overtrof echter alle andere landen: men kon van de telephoon gebruik maken op 520,000 plaatsen en de draden hadden eene gezamenlijke lengte van 1,300,000 kilometer. De steden liggen onder draadnetten.

En steeds gingen de ontdekkingen voort, elkaar opvolgende met eene snelheid, die het ten slotte ook den meest ontwikkelden mensch onmogelijk maakte, in alles maar zoowat bij te blijven en zich van alle vondsten een begrip te vormen. In 1870 verscheen de eerste electro-dynamische machine, die eene ronddraaiende beweging omzette in electriciteit van geweldige kracht en spanning. Het electrische licht deed zijne schitterende intrede in de wereld. Zeker, men had de vonk al lang gekend, maar ze was te zwak, althans te kortstondig. De stroom van Gramme's dynamo maakte ze sterk en duurzaam. We zullen hier niet ondernemen, de inrichting van eene dynamo te beschrijven; wij willen onze lezers niet plagen met de inductie-stroomen, de wervelstroomen, de wisselstroomen, de driephasen-stroomen. Men leerde weldra den stroom verdeelen; Edison vond zijne gloeilamp uit en helder straalde het electrische licht in alle plaatsen van eenige beteekenis. Ras wist men ook de werking van de dynamo om te keer en: had men eene ronddraaiende beweging omgezet in electriciteit, men zette de electriciteit ook weer om in ronddraaiende b e w e g i n g. Toen werd het mogelijk, ook groote kracht over

Sluiten