Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III.

De Zee, de Zee klotst voort in eindelooze deining, De Zee, waarin mijn Ziel zich-zelf weerspiegeld ziet:

De Zee is als mijn Ziel in wezen en verschijning, Zij is een levend Schoon en kent zich-zelve niet.

Zij wischt zich-zelven af in eeuwige verreining,

En wendt zich altijd óm en keert weer waar zij vliedt,

Zij drukt zich-zelven uit in duizenderlei lijning En zingt een eeuwig-blij en eeuwig-klagend lied.

O, Zee was Ik als Gij in al uw onbewustheid, Dan zou ik eerst gehéél en gróót gelukkig zijn;

Dan had ik eerst geen lust naar menschlijke belustheid Op menschelijke vreugd en menschelijke pijn;

Dan was mijn Ziel een Zee, en hare zelfgerustheid Zou, wijl Zij grooter is dan Gij, nóg grooter zijn.

Sluiten