Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HERFSTTIJ.

Van al uw óchoonbeid, wereld En van uw liefelijkheid Weet ik de grenzen En haar eenderheid.

Van al uw liefde, wereld En baar lokkend gelaal,

En uw belovende verten Ben ik verzaad.

In uw herfsttij, wereld Blijf ik aló een blad in den wind — Verweerd en verwonderd,

Dat het jterven begint.

Van al uw chaoa, wereld Verlang ik naar riut. ..

Verlanq ik naar den mond,

Die mij mint en mij ktiól;

Verlang ik naar de hand,

Die mij eindelijk wacht,

Om mi/n oogen te ó lui ten Voor den nacht ■— —.

Sluiten