Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelschman naar het Bible-Hotel om hem gelegenheid te geven zijne papieren bij elkaar te zoeken en dan weder met hem aan het Consulaat te komen.

Wij met onzen arrestant weer aan den wandel. Onderweg vroeg hij ons of we Vrijmetselaars waren en of we zoo beleefd wilden zijn hem te vergunnen alleen het hötel binnen te gaan, daar hij gentleman was en zich zou schamen met twee detectives in het hótel te komen. Wij zwegen en voldeden aan geen enkel verzoek, en vonden het geraden wat dichter naast hem te loopen.

Zoo kwamen wij met ons drieën in het Bible-Hótel. De Engelschman vroeg om den sleutel, de portier gaf hem dien en groette ons. Drie trappen op, de gang in. Voor No. 23 bleef de Engelschman staan, stak den sleutel in de deur, opende die en stak toen den sleutel in zijn zak. Wij gingen mee naar binnen, mijn Inspecteur plaatste zich met zijn rug tegen de deur. Het was een klein kamertje, aan de voorzijde van het hótel. Er stond een klein ledikant met een nachtkastje er naast, vlak bij de deur een klein tafeltje. Daar lag een scheermes op, dat ik zoo vrij was dadelijk weg te nemen en in mijn zak te steken. Op een niet al te groote tafel in het midden der kamer stonden twee zwarte handvaliezen van een zelfde model en een zelfde zwarte kleur. Aan den kapstok aan de deur hing een overjas en een grijs zomerkostuum. Onze arrestant deed alsof hij op zijn gemak was, keek het raam uit, opende een valies en sloot het weer, ging weer voor het raam staan, en opende en sloot het andere valies. Ik zag, dat beide valiezen niets bevatten. Toen trok hij jas en vest uit en deed het grijze pak aan. Kalm, met de handen in den zak drentelde hij nu van den muur naar het raam, van het raam naar den muur, tot dit lijntjestrekken mij

Sluiten