Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

L. S.

Wie meent te staan, zie toe dat hij niet valle.

Toen ik in '98 enkele korte Schetsen uit de Strafgevangenis schreef in „Pniël", het bekende blaadje van Br. J. H. Gunning J.Hz., kon ik niet vermoeden, dat die met zooveel belangstelling zouden gelezen worden. En toen voor enkele jaren de redactie van een Dagblad mij vroeg eene reeks van zulke schetsen voor haar blad te schrijven, meende ik op dat oogenblik daarvoor te moeten bedanken, temeer omdat ik als mede-redacteur van de „Scheveningsche Kerkbode" mij aan dat blad meer verplicht gevoelde.

Reeds kort nadat enkele dezer schetsen in genoemde Kerkbode verschenen waren, vroeg men mij, van verschillende zijden en herhaaldelijk — het is onder reserve van bescheidenheid, dat ik dit schrijf —.• waarom geeft u die schetsen niet afzonderlijk uit.

Na lang overwegen doe ik dit thans. Ik doe dit te liever omdat bijna elke schets een tendenz heeft. Dit is niet alleen mijne overtuiging maar ook anderen hebben mij dit gezegd of geschreven'.

Zoo menigeen zou zeker niet door den strafrechter veroordeeld worden maar buiten de poort der strafgevangenis blijven, als hij of zij het spreekwoord maar eens in practijk beoefende: Wie zich aan een ander spiegelt, spiegelt zich zacht. Zoo herhaaldelijk is het mij gebleken, dat één oogenblik van onbedachtzaamheid of drift, of de invloed van verkeerde raadgevers of vrienden, grooter rol spelen in vele menschenlevens, dan slechtheid of verdorvenheid. Beroepsmisdadigers plegen hunne strafbare

Sluiten