Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoo ook hier. ,

Het was nog zeer vroeg en een heerlijk stille

^°Het^ mooie weertje had ook den eigenaar van dat stuk weiland al vroeg naar buiten gelokt die °u hep te genieten van de Sabbathsrust en van al het schoone,

dat de natuur te genieten gaf.

Op eens ziet hij twee personen op zijn grond loopen. Ongevraagd, ongeweigerd, loopen zij maar dooi tot

ereernis van den boer.

En dat nu juist altijd de Zondagmorgen daarvoor moest gebruikt worden, ontstemde hem al evenzeer. Zii, boerenmenschen, gaan geregeld naar de kerk, onverschillig of zij Roomsch of Protestant zijn; maai die lui uit de stad geven om God noch Zijn gebod. En dat zij bovendien zijn land zoo aftrappen, kon hij

eenvoudig niet aanzien.

Toen zii op een afstand gekomen waren, waai op hij hen kon aanroepen, verzocht hij hun terug te gaan en zich van zijn land te verwijderen. . „,

Maar „hij kón, als hij wilde,...", en doende alsof de boer het tegen zijne koeien had, die daar in de buurt liepen, gingen zij eenvoudig verder.

Intusschen stond de ander zich boos te maken en op te winden; hij wilde toch wel eens zien, of die stadslui zoo maar den baas zullen spelen op zyn grond, en doende alsof hij de bedaardheid in eigen persoon was, verzocht hij hun andermaal zijn land te verlaten.

"VVeer krijgt hij een snauw. .

Wel iü, zegt de boer bij zichzelven, ik wil toch zien of ik geen baas zal blijven op mijn grond; en tegelijk gaat hij naar de schuur, haalt daar eene hooivork, en

meer nog om vrees aan te jagen, dan met het plan

daarvan gebruik te maken -• loopt hij met dat wapen in gevelde houding de twee personen dreigend tegemoet. Hij waarschuwt en sommeert nog eens en nog eens — en weer krijgt hij een uitdagend en sarrend antwoord terug. De man, buiten zichzelven van woede, loopt

Sluiten