Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Door zijn vonnis van enkele maanden kwam hij hier in de strafgevangenis, en had ik gelegenheid hem te ontmoeten.

Het was mij al spoedig duidelijk, dat hij hier op zijne plaats was. Misschien zou deze straf als middel tot beterschap kunnen dienen.

Ook hem bezocht ik zoo dikwijls als ik daartoe gelegenheid had. Nooit behoefde ik verlegen te staan met de vraag, wat ik eigenlijk met hem praten moest. Er was stof in overvloed. De zorgen van vader, de liefde van moeder, zijne schandelijke ondankbaarheid en gebrek aan kinderlijke liefde, waren zoovele onderwerpen, waarop we telkens konden terugkomen.

Kort voor zijn ontslag maakte ik even de reis naar zijne ouders, die zeer verblijd waren dien jongen van vroeger jaren eens weer terug te zien; het was echter eene blijdschap welke zeer gemengd was, om de oorzaak van mijn bezoek.

Sprekende over den zoon, gaf ik hun den raad, hem bij zijn ontslag niet af te halen, maar op eigene gelegenheid naar huis te laten komen, en hem van niet meer geld te voorzien, dan bepaald noodig was. Mocht hij, zoo zeide ik verder, eene of andere betrekking vinden, laat hem die dan aannemen, maar geef er geen geld voor uit.

Dat bleef afgesproken.

Een paar dagen voor zijn vertrek, gaf ik den zoon den raad, om dadelijk na zijn ontslag, van zijne uitgaanskas een wandelstok te koopen, liefst geen al te dure, maar ook geen knuppel.

Dat begreep hij niet best. Hij kon niet laten om zulk een raad eens frisch te lachen. Wat moet ik met een wandelstok doen, zoo vroeg hij mij verbaasd. Natuurlijk gebruiken als u uit wandelen gaat, antwoordde ik. U moet niets anders doen dan met uw vader uitgaan; dat zal hij erg prettig vinden, en voor u zal het zeer goed zijn; doet ge dat niet, dan zijt ge in minder dan geen tijd hier terug.

Sluiten