Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weinig de kunst verstaan werd van verstandig leiden.

"Wat zouden de levensweg en de omstandigheden van dezen jongen man anders en beter geweest zijn, indien hij zijne ouders langer had mogen bezitten.

Liever dan bij de familie te blijven, wilde hij naar Kampen. Zoo deed hij en later ging hij als korporaal naar een regiment. Aanvankelijk ging alles naar wensch, en het zag er naar uit, dat het niet zoo heel lang zou duren, of hij kreeg voor de gele korporaalseen paar gouden onder-officiers-strepen.

Toch heeft hij die nooit gekregen. Het ongeluk wilde, dat een der onder-officieren van zijne compagnie, die toch al niet erg gezien was, hem het leven niet aangenaam en gemakkelijk maakte. Het was een voortdurend aanmerking maken, nu op dit en dan op wat anders, en in plaats dat de jeugdige korporaal verstandig genoeg was, zooveel mogelijk alles maar voor kennisgeving aan te nemen, öf, waar de aanmerkingen gegrond waren, daarmee rekening te houden, werd hij narrig en onverschillig, vooral toen hij door dien sergeant eenige straffen had opgeloopen.

Op zekeren dag had deze weinig menschkundige supérieur wéér zoovele aanmerkingen, dat de jonge en opvliegende korporaal zich niet meer wist in te binden en zich schuldig maakte aan eene zoodanige insubordinatie, dat hij voor den Krijgsraad terecht kwam. En of nu de Krijgsraad rekening hield met het afkeurend optreden van dien sergeant, is niet uit te maken, maar zeker is het, dat hij er betrekkelijk goed afkwam. Intusschen was hij zijne strepen kwijt, en dat was voor hem de ergste straf.

Was hij nu maar, nu hij door overplaatsing bij een ander bataljon, met dien sergeant niets meer te maken had, zoo verstandig geweest zich flink te gedragen, en zich in de omstandigheden te schikken, dan had hy die strepen wel weer spoedig terug gekregen. Maar de gedachte, dat zijne familie wist, dat hy gedegradeerd was en hij niet met verlof kon dan als

Sluiten