Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat echter door het werk van Damhouder was gewonnen, ging door een andere oorzaak weder verloren, door een oorzaak, die de hardvochtigheid der rechters tegenover misdadigers eer toe, dan af

deed nemen.

Het bijgeloof, het geloof aan de geheimzinnige kracht van waarzeggers en toovenaars, dat bij alle volkeren, die op een lagen trap van beschaving staan, in eere wordt gehouden en dus ook bij de Germanen had bestaan, was door het Christendom steeds bestreden. Toen echter na eeuwen bleek, dat het bijgeloof niet was uitgeroeid, ging men daarin het werk des duivels zien en meenen, dat de heksen en toovenaars een verbond met den duivel hadden gesloten.

In het midden der 15 de eeuw leefde dat heidensch bijgeloof weder op. De leer der magie en de alchemie met al hare geheimzinnige handelingen en onderdeelen deden weder opgeld. Men zocht den steen der wijzen, die het beheerschen der natuur verschaffen zou, en ofschoon de Christelijke kerk zich tegen die leer verzette en hare dienaren zelfs eenige aanhangers verbrandden, werd het geloof aan de kracht der tooverij meer en meer herlevendigd en de zoo berucht geworden heksenprocessen ontsproten uit de overspanning, waarin men geraakte. Wel waren de z. g. heksen bij afwisseling vervolgd, doch alleen, als men van oordeel was, dat hunne practijken aan personen of aan hunne goederen

Sluiten