Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jan van Hout.

Jae, vermits Mr. Bronkhorst aflijvigh gheworden iS- Regierde hy noch, hy soude u aen de galghe op den blaeuwen Steen gheknoopt hebben.

Tweede Burger.

Het is uwen Prince soo moghelick de stadt te ontsetten als het u moghelick is met der handt de sterren te grijpen.

Eene Vrouw.

En weet ghy niet dat de craemvrouwen onder ons haer moeten lijden met een vierendeel biscuyts des daechs ende dat sommige alsoo uutgehonghert zijn, dat de vrucht in haren lijve bynae verteert is ? Allen.

Wy willen broodt ofte overgaef.

Halfleyden [die met zijne beide ambtgenoot en een groep vormt\.

Ick protesteere, dat ick gheen oorsake en begeere te zijn vander menschen doot, die van hongher vergaen.

[De burgers dringen diohter op, sommigen bedreigen van der Werff met hunne wapenen]

Van der Werff.

Siet, lieve medeborghers, ick hebbe eedt ghedaen, dat ick verhoope door den Gever alder goeden

Sluiten