Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van weelde en zorgeloosheid. Maar de hindernissen mochten niet afschrikken. «Wanneer God wil toonen, dat een werk Zijn werk is, dan slaat Hij eerst met machteloosheid, daarna grijpt Hij in » (Bossuet). Het vertrouwen, diep geworteld, hield de kleine kloostergemeente staande. Pater Boone met den ijver van zijn krachtige Jezuieten-ziel moedigde aan tot het « Sursum corda ». De jonge religieuzen wisten te antwoorden met een « Habemus ad Dominum ». Het was geen lichte taak de harten omhoog te heffen, waar alles scheen tegen te werken; doch wanneer 's menschen wil in nederige onderwerping één vormt met den Goddelijken ontplooit hij een kracht, waarvan we onszelf dikwijls geen rekenschap weten te geven. De kracht toonde zich het meest aan den kant der stichteres, supérieure en novice tevens. De energie werd in haar geboren, welke een diepe levensstrijd kenmerkt. Nu eenmaal het jawoord aan den Hemelschen Bruidegom gegeven was, mocht van kleinmoedig vreezen geen sprake meer zijn. De sterke, onwankelbare geest van haar vader leefde sterker dan ooit in haar op. Hoe Graaf de Meeüs oordeelde over de roeping zijner dochter getuigt de brief, welken hij haar eenige dagen vóór haar professie schreef:

Argenteuil, 4 September i858.

...« Woensdag, op het feest van O.L.V. Geboorte, » zult gij dus, mijn lieve dochter, u door uwe

Sluiten