Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den draad tot aan de aanrakingsplaats en in hoofdzaak van hier door de terugleiding naar het element of de batterij terug; de stroomloop wordt dan niet meer onderbroken (zie het stroomloop-schema volgens fig. 43 en 51) en het element werkt spoedig uit; slechts een zwakke stroom gaat nog naar de bel. Wordt er in dit geval nog op het knopje gedrukt, dan zal het nummertje van het nummerbord niet vallen, daar de stroom hiervoor veel te zwak is geworden. Dergelijke kortsluiting treedt meermalen op, wanneer men de twee

draden door middel van één haakje of spijker tegen den muur bevestigd; in dit geval kan n.1. de isolatie der twee draden beschadigd worden, zoodat de koperen kernen over de spijker verbonden worden. Daarom worden de leidingen

ook wel door middel van isolatoren (fig. 10) F'9 10' somtijds door porceleinen of glazen rollen tegen den wand bevestigd en wel iedere leiding op afzonderlijke rollen. Voor het plaatsen van deze isolatoren gebruikt men stalen inslagpennen, welke in de voeg tusschen de steenen gedreven worden ; in deze inslagpennen is een gaatje geboord, voorzien van den draad, waarin de schroeven, welke de rollen vastzet, geschroefd kunnen worden.

Op een houten wand worden de rollen met gewone houtschroeven vastgeschroefd, terwijl voor de stalen inslagpennen ook houten pennen of houten dooken, welke in den muur vastgegipst kunnen worden.

worden gebruikt (fig. 11). Zijn de rollen allen geplaatst, dan moet de leiding hierop aangebracht worden ; hierbij is er op te letten, dat

ae leiamg niet winaings-

gewijze van de rol genomen wordt, zooals fig. 12 dit aangeeft, daar in dit geval de leiding gemakkelijk in een knoop getrokken kan worden, waardoor de isolatie kan breken. Zooals reeds boven gezegd, kan door het breken van de isolatie kortsluiting optreden ; er is daarom op te letten, dat de leiding afgerold wordt, zooals fig. 13 dit aangeeft.

Meestal zal echter de leiding, vooral wanneer de aanleg slechts tijdelijk of zoo goedkoop mogelijk moet worden aangelegd, door middel van vertinde nagels, haken of duimpjes worden bevestigd, zooals deze in fig. M—16 zijn aan-

Sluiten