Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13. Beveiligingstoestellen voor bliksemslag en overspanning. Een zwakstroominrichting (telefoon- of schelinrichting) moet, wanneer er buitenleidingen aanwezig zijn, of aanraking met sterkstroomleidingen voor licht of kracht kan ontstaan, van veiligheden tegen deze gevaren worden voorzien. Wanneer aanraking van sterkstroomleidingen niet te vreezen is, zijn eenvoudige bliksemafleiders voldoende : deze bestaan bijv. uit twee of drie getande tegenover elkaar staande metalen platen, of een over de aansluitklemmen onder tusschenvoeging van papier of mica geschroefde en goed geisoleerde metalen plaat, welke goedgeleidend met de aarde (bijv. met de waterleiding) is verbonden. Deze bliksemafleiders zijn

dikwijls aan de toestellen zelr aangebracht, of worden op verzoek hieraan aangebracht.

Waar echter sterkstroomleidingen met de zwakstroomleidingen in aanraking kunnen komen, moet een bizondere beveiligingsinrichting in de leiding worden geschakeld, om de toestellen en ook de personen, welke hiervan gebruik maken, voor gevaar te beschutten. Een toestel voor dit doel geschikt is in fig. 82 aangegeven, Het toestel bestaat uit een bliksemafleider met koolstofelectroden onder tusschenvoeaina van mica plaatjes,

een smeltstuk in den vorm van een glazen busje b met een zwaren smeltdraad en een dunnen smeltdraad.

Voor bliksemslag en plotseling optredende sterke stroomen dienen de koolstof-electroden en de zware smeltstukken ; voor zwakke maar voortdurende stroomen (lekstroomen uit sterkstroominstallaties) de dunne smeltdraden, welke reeds, nadat de stroomen er eenige seconden zijn doorgegaan, afsmelten.

14. Voorbeeld voor begrootingen voor telefooninrichtingen.

I. Verandering van een schel- of nummerbordinrichting in een telefooninrichting. 1 toestel voor de op te bellen plaats (bijv. de keuken); 1 microtelefoon met stop ; 4 drukknoppen met stopcontacten; 1 hangend contact met stopcontact;

Fig. 82.

Sluiten