is toegevoegd aan uw favorieten.

Feestnummer Onze missionarissen en missiehuizen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Stichter met liet eenig juiste woord dat daarvoor te vinden is in onze gebrekkige menschentaal: een staat van natuurlijke slavernij. Geenszins is het zijn bedoeling God voor te stellen als een dwingeland, die ons met barbaarsche wreedheid onderdrukt. Alleen wil hij duidelijk verklaren, dat God volkomen Heer en Meester is over ons, dat hij alle recht over ons bezit, en dat wij, tegenover Hem, niets clan plichten hebben, geen rechten, althans in de volle beteekenis van dit woord.

Gods opperrecht en onze afhankelijkheid erkennen, niet alleen met den mond, maar met den geest, den wil en het hart, niet alleen in liet algemeen, maar in de verschillende toepassingen van ons dagelijksch leven : ziedaar de geheele zedenleer van onzen Gelukzalige; eene zedenleer, zooals wij gezien hebben, die steunt op de diepste en hechtste grondslagen van ons heilig katholiek geloof. Dat beteekent ten slotte zijn „God alleen !", namelijk, dat God, God alleen, (naar het woord des Apostels), alles zij in allen, en de mensch nietst dan door God, met God, in God en voor God.

Dat is Montfort's wijsheid, de hoogste, de eenig ware wijsheid: God te zien, God alleen, in alles en in allen.

Waar de dwaze uit het Boek der Psalmen in den overmoed zijns harten spreken durft: „Er is geen God !", daar antwoordt onze Wijze: „God alleen is!" Waar de dwaze voortgaat en zegt: „Wie is onze meester?'7, daar belijdt de Wijze met ootmoed: „O Heer, ik ben uw dienaar, uw slaaf!" Dat is ten slotte het onderscheid tusschen den dwaze en den wijze: de eerste zegt: „Niet God, doch ik alleen!"; de tweede integendeel: „Niet ik, doch God alleen!"

En dan verschijnt voor het oog van den Gelukzalige het Ideaal des menschen, Christus onze Heer, de eeuwige Wijsheid des Vaders, die ook onze wijsheid geworden is van God in de dagen der menschwording.

Christus leeren kennen: ziedaar wat Montfort zich voor-