is toegevoegd aan uw favorieten.

Mijn reis door het aartsbisdom en de stichting van Nieuw-Dordrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu maar zorgt dien Zondag hier te zijn, dan is pastoor Vinke gaarne bereid het bijwerk te verrichten. A propos, de laarzen moeten aan, want het veen is allemaal pap, het heeft veel van een mislukte chocoladepudding. Ik raad u ten sterkste aan hierheen te komen; ge mist wel een Zondag, maar ge hebt weer voor tien weken preekstof meer. Ge weet wel, dat model-paar is voornemens Donderdag te tiouwen; in scriptis li^t uw facultas voor paartjes klaar; ge behoeft slechts te accepteeren en de jura stolae moogt ge houden op den koop toe".

Onwillekeurig schoot ik in den lach. Die pastoor Weninck is toch een leukert, aitoos vol grappen; nu, dat is gelukkig, moge hij zijne opgeruimdheid bewaren, zij komt zijneerwaarde in zijn houten paleis o i treurige omgeving goed te stade. Mijn antwoord was: ik kom, ga gerust, ik accepteer de facultas etc., goede reis, de groeten in Groenlo aan herder en familie. Ik ging voor 8 dagen naar Compascuum en nam voldoende schrijfwerk mee; van verveling behoefde dus geen sprake te zijn. Hier in de eenzaamheid teekende ik dertig obligaties ieder van 500 gulden ad 4 °/o, ook Jan Berend Wilken teekende dezelve mede, hij toch is sedert de oprichting kerkmeester van Compascuum. Dat was een zware arbeid voor Jan Berend, liever een dag geen eten dan dertig maal zijn handteekening te moeten zetten. Voorts teekende ik alleen twintig coupons van iedere obligatie plus de talons. Deze geldleening, groot ƒ 150U0, is natuurlijk geschied met aartsbisschoppelijke volmacht opgenomen bij de firma W. Laane te Roosendaal.

Ik had het Zondags druk in Compascuum, het was einde April en de Paaschtijd reeds gesloten, doch bij zulke afstanden en zulke onbegaanbare wegen kan alles niet precies zooals men wel zou willen.

Daar waar zooveel getrouwd wordt als