is toegevoegd aan uw favorieten.

Mijn reis door het aartsbisdom en de stichting van Nieuw-Dordrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

missiewerk in de veenen gepreekt en gecollecteerd, maar de collecte was nota bene twee honderd zes en zeventig gulden. Dit cijfer was niet verwacht, doch staande op den preekstoel in Raalte zag ik zoovele bekende gezichten uit de buurtschap Luttenberg, en collecteerende zas; ik ook menig zilveren schijf en zilveren wagenrad op de schaal vallen van de oude bekenden , die een uur en meer door wind en regen geloopen hadden om hun oud-kapelaan nog eens te zien en een aalmoes te schenken voor zijn kerk. De collecte in Raalte gehouden heeft mij geleerd, dat dankbaarheid de wereld nog niet uit is. De Geestelijken van Raalte verheugden zich met het succes, waartoe zij door woord en daad het hunne hadden bijgedragen.

Het dekenaat Groenlo heb ik nog niet doorkruist. Alleen de parochie Groenlo heb ik bezocht. Hoe kon het anders? het was immers de geboorteplaats van mijn pastoor en vriend den WelEerw. Heer B. Weuinck, te Compascuum, want ik was nog altijd Compascuum's assistent. In Groenlo heb ik driemaal gepreekt en 235 gulden gecollecteerd.

Na mijn bedelpredikatie kreeg ik nog een dozijn zilveren munten en dito gouden nagestuurd, plus twee zeer mooie coupons. Alles was natuurlijk spoedig te gelde gemaakt.

Het dekenaat Zutphen is het eenige, dat behalve de reeds overleden emeritus Deken nog niets voor N.-Dordrecht heeft bijgedragen. Hoe dat komt? Wel, omdat de bedelaar van N.-Dordrecht daar zijn netten nog niet heeft uitgeworpen.

Doch, ik zeg te veel. Immers, de pastoor van Velp, als ook die van Ruurlo, hebben hun offer toch reeds neergelegd op het altaar der liefde, terwijl de pastoor van Wehl mij deed weten, dat ik welkom zou wezen , doch tot heden is mij door omstan-