is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Calvijn tot Rousseau

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Want niet den persoon des Heeren zijn, als we rugwaarts zien, zijn zending en Gods eeuwige Raad, als we vooruit zien, zijn verlossingswerk en liet wezen en leven der gemeente ja liet einddoel der wereld onafscheidbaar verbonden. Persoon en werk zijn in onzen Heiland nimmer van elkaar te scheiden. Want de persoon openbaart zich in zijn woord en werk, het werk en woord is slechts verstaanbaar, is slechts het z ij 11 e, door den achtergrond van zijn persoon.

Overigens volgt de Heer, als Hij ons omtrent de verkiezing onderricht (want wie doet het toch, ook bij ons Schrift-onderzoek, dan de Heer zelf?) bij ons denzelfden weg als in de dagen zijns vleesches bij zijn discipelen. Bestudeeren wij aandachtig dien weg, zoo vinden wij als de twee polen van zijn leerende werkzaamheid: Zijn eigen persoon en het Koningrijk. Natuurlijkerwijze is zijn mondeling onderricht dat het tweede dezer onderwerpen, liet koningrijk, betreft, het uitvoerigst, omdat hij voor het eerste, zijn persoon, van zelf het meeste aan de indrukken van den persoonlijken omgang overliet. Maar er zijn, gedurende den tijd dat de Heer met zijn discipelen omwandelt, drie trappen van onderricht te onderscheiden. Op den eersten, dien van het eerste zalige samenzijn in de naïeveteit des vertrouwens, steunen de discipelen met de schoone geestdrift der liefde op den Meester, die hen uitzendt zonder buidel noch male en toch ontbreekt hun niets. Zij kennen noch Hem noch zichzelve grondig, maar hangen hem met hartelijke overgave aan. De tweede trap is na Caesarea Philippi, als de discipelen er toe gekomen zijn, bij monde van Petrus hem aanvanklijk als den Zone Gods te kennen. Nu staat de leer omtrent zijn werk en het kruis