is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Calvijn tot Rousseau

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als noodzakelijken weg tot het koningrijk op den voorgrond. Eindelijk de derde trap, van den morgen der opstanding af. Nu gaat zijn onderricht ook nog voorzek er over de beteekenis van zijn lijden en werken, maar dient toch om, in hoogcr zin dan op den eersten trap, zijn hoogheerlijken persoon tc doen kennen, totdat Hij, gereed om op te varen, alles in de belijdenis van den Naam van Vader, Zoon en Heiligen Geest samenvat en voorts aan den Geest overlaat om in de toekomst Hem te verheerlijken door alles uit het Zijne te nemen. Zoo keert alles op den hoogsten trap tot den persoon des Heeren, in wien zijn werk begrepen wordt, terug. En zoo is het nu ook bij ons omtrent elk deel der waarheid, en ook voor de verkiezing. Eerst kennen wij alleen den Heer, in de naïevetcit van het jeugdig geloof. Dan komt de tweede periode, waar het werk zich duidelijker van den persoon onderscheidt, en wij gaarne dogmatisch de heerlijke gedachten-ontwikkelingen over voorbeschikking, verkiezing en roeping, genade en vrijheid volgen, welke inzonderheid bij 1'aulus, den strijder tegen Jood en Heiden, aan te treffen zijn. Doch het hoogste is wat wij vooral bij Johannes vinden (en evenzeer bij 1'aulus als hij zich niet meer door den strijd met de tegenstanders behoeft heen te slaan) de concentratie van alle denken op het aanschouwen van den persoon des Heeren zeiven. Dan zijn we van voorbeschikking en verkiezing ten volle overtuigd, te diep doordrongen om er veel meer over te spreken of te strijden. Die overtuiging vormt den stillen, onuitgesproken achtergrond van al onze gedachten. Maar die gedachten loopen alle uit op het middelpunt, den levenden, eeuwigen Persoon des Heeren. Al wat we dogmatisch denken wordt 011-