Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedies, in chrologische volgorde hetzelfde onderwerp behandelend, in het strijdperk te treden. Sommige geleerden vermoeden, dat aan de 3 stukken, waarmee Sophocles naar den prijs dong, steeds of meestal één gedachte ter grondslag lag, maar te bewijzen is dit niet.

Doordat hij nu in' één stuk dezelfde stof behandelde, waarvoor Aeschylus drie stukken noodig had, onderging zijn techniek groote veranderingen. Het stuk zelf werd langer, maar deze verlenging kwam alleen den dialoog ten goede. Door den uitgebreiden dialoog werd het mogelijk de karakters meer persoonlijk te teekenen.

Sophocles' figuren zijn dan ook een groote vooruitgang bij die van Aeschylus; zij zijn meer levend, meer menschelijk. Zij blijven goden en heroën, maar verliezen het harde en koppige. Vaak zijn zij louter passief, worden door het noodlot voortgedreven, om na de catastrophe als arme, gebroken menschen weder ten tooneele te verschijnen. Hij is 'wel de populairste der drie groote tragediedichters geweest.

In tegenstelling tot Sophocles is Euripides door zijn tijdgenooten weinig gewaardeerd; hij was zijn tijd vooruit en volgende eeuwen hebben hem dan ook volop de eer gegeven die hem toekomt. Teekenend is het dan ook, dat van zijn bijna 100 tragedie's er slechts 6 met den eersten prijs bekroond zijn, terwijl wij er 17 over hebben en van Aeschylus en Sophocles elk slechts 7.

Zijn technische veranderingen waren zeer ingrijpend. Het koor verdween geheel als deelnemer aan de handeling. De enkele

Sluiten