Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zooals hij het in 1891 uitdrukte: ') <Als Augustinusin 430, by de belegering van Hippo door de Vandalen, sterft, blijven alle dingen gelijk ze zijn. Er heeft een tijdlang een andere wind op °den stroom van Jezus' Kerk geblazen, maar die stroom vervolgt zijn loop in dezelfde Hiërarchische bedding. Doch zoo was het bij Calvijns dood niet. Want al heeft Calvijn m den «locus de gratia» weinig anders gedaan dan Augustinus copieeren, hierin stond hij verre boven Augustinus, dat hij de Souveremiteit Gods ook op de Kerk, en het leven van Staten en VoUteren, deed doorwerken. Niet dat hij een fonkelnieuwe geestesrichting uitdacht. Hoe zou dit kunnen? Daar toch immers elke geestesrichting die in Christus' Kerk recht van bestaan zal hebben, door haar stengel organisch met den wortel moet verbonden zijn, en alzoo haar fijne vezelen, door heel de historie der Kerk, tot in haar oorsprong moet doen terugloopen. Maar, terwi)l deze onderscheiden geestes-richtingen, aanvankelijk nog, als tot een bundel samengestrengeld, in den gemeenschappelijken stam schuilen, komt er eindelijk een oogenblik dat ze als eigen takken zelfstandig aan dien stam uitspruiten, en dat oogenbic was voor onze geestesrichting eerst gekomen met Calvijn.»

Zoekende en worstelende naar het rechte standpunt, waarop en de miste middelen waardoor de beginselen van het Calvinisme weder onder de aandacht van het Ned. volk konc en worden gebracht, werd hij in Utrecht - de stad met de zeven kerkhoven, noemde hij haar later - al spoedig gewaar weinig mede-strijders te zullen vinden. Dankbaar èn voldaan over de verwijdering van het modernisme uit den kerkeraad en van den kansel, leefde de Utrechtsche orthodoxie rustig en kalm, alsof voor haar de strijd achter den rug was en andere gemeenten nu maar haar voorbeeld hadden te volden. Dit nu was ganschelijk in strijd met wat hij bfl zijn studie over Calvijn en a Lasco had geleerd en waarin hij door verder zelfstandig onderzoek ook buiten de studeerkamer was bevestigd. Zijn hart was brandende om tegenover het begmse

1) Calvinisme en Revisie. BI. 16.

Sluiten